β
Het is een kwestie van durven, meer niet. Dat geldt voor alle kunst, dus ook voor die van het leven
β
β
Arthur Japin (Vaslav)
β
Ieder mens heeft geloof ik het gevoel, dat hij er eigenlijk niet bijhoort, bij het leven van de andere mensen. Dat hij op een of andere manier iets anders is, een gast, en hij doet alle mogelijke moeite om te zorgen, dat de anderen dat niet zullen merken. Dat is het gevoel, dat alle mensen gemeen hebben, en daardoor horen ze juist bij elkaar.
β
β
Harry Mulisch (Twee vrouwen)
β
Ik wil graag zien, denk ik, omdat ik dat kan, en leven, voluit en gretig, omdat ik dat toch moet en het dan maar beter goed kan doen.
β
β
Griet Op de Beeck (Kom hier dat ik u kus)
β
Er zijn vele wegen die hij in het leven kan nemen en ik wil zijn atlas zijn.
β
β
Dimitri Verhulst (De helaasheid der dingen)
β
- Zo vreemd, zegt ze, dat wij hier nu samen zijn, onbegrijpelijk. Ik denk dikwijls dat er eigenlijk niet veel verschil is tussen leven en dromen. Het verschil is maar schijnbaar, doordat we, als we wakker zijn, alles veel te bevooroordeeld bekijken om te zien dat het leven ook een droom is.
β
β
Willem Frederik Hermans (Nooit meer slapen)
β
Hoe dat precies moet, leven, daar ben ik nog niet helemaal achter, maar ik kan redelijk goed doen alsof. Dat is een begin, vind ik. Ik kan ook verdienstelijk uitleggen aan anderen hoe het misschien zou moeten, en daar wordt soms naar geluisterd, merk ik, wat mij dan een beetje verbaast.
β
β
Griet Op de Beeck (Vele hemels boven de zevende)
β
Kortom: net als altijd in het leven, een soort specifiek gemiddelde van ellende.
β
β
Willem Frederik Hermans (Nooit meer slapen)
β
En ik vind het leven veel te kort en veel te mooi om het niet echt in de ogen te zien, het niet echt aan te gaan, het niet echt te leven.
β
β
Nino Haratischwili (Das achte Leben (FΓΌr Brilka))
β
Van de mooiste dingen in het leven krijg je alleen maar meer als je ze weggeeft: vertrouwen, vriendschap, vrede.
β
β
Rutger Bregman (De meeste mensen deugen: Een nieuwe geschiedenis van de mens)
β
Van wat een kind leest, onthoudt het maar een deel. Maar dat onthoudt hij ook zo goed, dat het zijn verdere leven met hem meereist, in zijn hart en in zijn bloed, het wordt een stuk van hemzelf.
β
β
Annie M.G. Schmidt
β
Alles wat leuk is in het leven is godverdomme dodelijk. En weet je wat het allergevaarlijkst is?
Leven.
Van leven ga je dood.
β
β
Ray Kluun (Klunen)
β
Ik voel me vandaag beroerd. Maar laat ons om ons heen zien. Sommige mensen worden reeds bij het begin van hun leven zwaar gestraft: zij worden als vrouw geboren.
β
β
Gerard Reve
β
Vanaf dat moment ben ik verdwaald. Mijn afkeer van het leven en mijn verlangen om er niet te zijn. Vanaf dat moment weet ik dat ik verder, voortaan, altijd het liefst alleen zou wensen te zijn, zonder mij aan iemand of iets te hoeven binden, want ik wil niet zien hoe mijn liefde en de schoonheid die ik koester worden verwoest of beschadigd.
β
β
Jeroen Brouwers (Bezonken rood)
β
[over het leven] De generale repetitie van een stuk, dat nooit wordt opgevoerd.
β
β
Gerard Reve (De vierde man)
β
Het leven is simpel. Het is de vaat doen. Een mens maakt borden vuil, wast ze schoon, wrijft ze droog, bergt ze weg en haalt ze weer uit de kast, maakt ze vuil, wast ze schoon, wrijft ze droog, bergt ze weg en haalt ze weer uit de kast, en op een dag valt de hele stapel uit je handen.
β
β
Erwin Mortier (Godenslaap)
β
Zo ging het leven onafgebroken en eentonig voort, als met een zenuwachtig egoΓ―stisch materialisme: er werd geleden en er daalde geen algemeen rouwfloers neer op de wereld; er werd geleden en toch bleef alles het zelfde en lachte men, sliep men, at men rondom dat leed.
β
β
Louis Couperus (Eline Vere)
β
Het leven is niet mogelijk zonder het leergeld van de ontgoocheling.
β
β
Hubert Lampo
β
O, ik weet het niet,
maar besta, wees mooi.
Zeg: kijk, een vogel
en leer me de vogel zien.
Zeg: het leven is een brood
om in te bijten en de appels zien nog rood
van plezier, en nog, en nog, zeg iets.
Leer me huilen, en als ik huil,
leer me zeggen: het is niets.
β
β
Herman de Coninck
β
Toen ging hij slapen, met zijn hoofd op de woorden waar hij het meest van hield: warm, alles, altijd, ik.
β
β
Toon Tellegen (Het vertrek van de mier)
β
Mensen hebben warmte nodig. Daarop leven ze. Daarvan leven ze. Die warmte is geen misdaad. Het gebrek eraan is de misdaad.
β
β
Arnon Grunberg (Tirza)
β
Ik verveel me niet. Ik ben ongelukkig.'
'Omdat je in geluk gelooft. Iedereen die in geluk gelooft is ongelukkig.
β
β
Remco Campert (Het leven is vurrukkulluk)
β
Er was niets veranderd in de straat, zag ze. Het was nog steeds dezelfde rustige straat die ze altijd had gekend. Hoe was het mogelijk dat levens totaal konden veranderen, konden worden vernietigd, terwijl straten en gebouwen hetzelfde bleven, vroeg ze zich af.
β
β
Tatiana de Rosnay (Sarah's Key)
β
De hele wereld is vol mensen die hun hele leven op zoek blijven naar het wonder van de liefde zonder het ooit te zien. Het is heel simpel en vanzelfsprekend, maar onvindbaar voor wie ernaar zoekt.
β
β
Arthur Japin (Een schitterend gebrek)
β
Wie Annie Schmidt altijd als lief en aardig heeft ervaren, zal zijn mening grondig moeten herzien.
β
β
Annejet van der Zijl (Anna: het leven van Annie M.G. Schmidt)
β
Ik word verteerd door levenstwijfel omdat ik niet zou weten waarover je anders moet twijfelen dan over het leven en ik word verteerd door doodsverachting omdat ik niet weet wat je anders zou moeten verachten dan de dood.
β
β
Herman Brusselmans (Ex-drummer)
β
Ik mis jou niet. Ik mis het leven, ik mis alles wat ik nooit heb gezien en nooit heb gegeven.
β
β
Saskia de Coster
β
Juist omdat het leven kort is, moet je het even moeilijk durven laten zijn, als dat nodig blijkt.
β
β
Griet Op de Beeck (Het beste wat we hebben)
β
Het leven van een man die vliegen wil, bestaat vooral uit vallen
β
β
Arthur Japin
β
Echte zekerheid is weten dat je geen zekerheid hebt, want dan zorg je er wel voor dat je elke dag alles uit het leven haalt.
β
β
Rhonda Byrne (Hero (The Secret, #4))
β
Ha! Als het leven eens een liedje was. Ja! En de liefde een recept. En dan een kok inhuren en elkaar zingend verslinden terwijl de tijd zich koest houdt.
β
β
Charlotte Mutsaers (Rachels rokje)
β
We staan elke dag op, doen wat van ons verwacht wordt, en gaan dan weer slapen, en dat noemen we leven. We saboteren onszelf zonder het te beseffen, omdat we nadoen wat ons ooit is voorgedaan, en dan denken we dat het zo mΓ³et gaan. En ondertussen organiseren we de dingen zo, dat we geen tijd hebben om stil te staan bij dat wat we ten diepste voelen. We vergeten wat we waard zijn en durven niet te geloven dat we het goeie wel degelijk verdienen. We vinden het makkelijker om te berusten bij ons leed, om onszelf te troosten na de pijn, dan te kiezen voor wat ons echt gelukkig zou maken.
β
β
Griet Op de Beeck (Kom hier dat ik u kus)
β
As long as there are plans, there's life.
β
β
Hendrik Groen (Pogingen iets van het leven te maken: Het geheime dagboek van Hendrik Groen, 83ΒΌ jaar (Hendrik Groen, #1))
β
Boosheid is iets eigenaardig, dat wist ik wel. Als iemand boos op mij was bleef ik daar heel de dag aan denken. Als iemand lief voor mij was vergat ik het meteen weer.
β
β
Toon Tellegen (Een vorig leven)
β
De liefde van mijn leven leeft in het verleden. Dat is ondanks de alliteratie een vreselijke zin om te moeten schrijven.
β
β
Ilja Leonard Pfeijffer (Grand Hotel Europa)
β
Denken vanuit 'het ja' betekent dat je iets meer in de tsjakka-hoek van het leven moet gaan zitten.
β
β
Paulien Cornelisse (Taal is zeg maar echt mijn ding)
β
Dat maakt het leven eenvoudiger, denk ik. Mensen zien als de rollen die ze op zich nemen, niet als wezens vol vreugde en verdriet waar je rekening mee moet houden.
β
β
Sebastiaan Leenaert (Bastaard)
β
Zonder het geheugen heeft het leven geen lijn, geen logica, geen ontwikkeling. Zonder geheugen is alles als los zand.
β
β
Mark Mieras (Ben ik dat?: wat hersenonderzoek vertelt over onszelf)
β
Verhalen geven zin aan het leven.
β
β
Ilja Leonard Pfeijffer (Grand Hotel Europa)
β
Geniet nu toch eens van het leven, het is voorbij voor ge het weet en ge krijgt geen bonuspunten aan het einde, zeker niet voor kwaad kijken
β
β
Marnix Peeters (Kijk niet zo, konijntje)
β
Het leven is waardeloos, gelet op het feit dat men moet sterven.
β
β
Jeroen Brouwers (Het leven, de dood)
β
Dingen kunnen nog zo rotsvast zitten, zolang je zelf maar blijft bewegen kun je ze altijd weer veranderen. EΓ©n stap opzij, een stapje van niks is genoeg en heel de wereld oogt anders. Een mens moet in het leven zijn eigen coulissen verplaatsen.
β
β
Arthur Japin
β
Het leven moet nu en dan krankzinnig idioot zijn, soms moet je er een trap tegen geven zodat alles een ogenblik scheef komt te staan, anders is het een doffe aaneenschakeling van betekenisloze datums, waar je je ten slotte niets van herinnert [...].
β
β
Jeroen Brouwers
β
Want zie je, Mia, het is niet eten en drinken dat ons in leven houdt, maat levenslust, de morele overtuiging dat het de moeite waard is, dat er waarheid en schoonheid ligt in het leven zelf, altijd en overal, maar dat het aan ons is om dat op te zoeken, te delven, als gelukszoekers, in de beste betekenis van dat woord...
β
β
Sander Kollaard (Uit het leven van een hond)
β
Hij [...] zei zachtjes tegen me: βHet geeft niks, hoor. Het maakt allemaal niks uit.β Dat zei hij altijd als het over de dood ging. Ik heb hem een keer gevraagd wat dan wel uitmaakt. 'De rest,β zei hij.
β
β
Toon Tellegen
β
De literatuur of het leven? Het leven want de literatuur; het leven leeft voor mij pas echt, het is pas echt diepgaand en lijfelijk het leven, wanneer ik weet dat ik er woorden aan zal kunnen ontrukken.
β
β
Bernard-Henri LΓ©vy
β
Iedereen die voor abnormaal wil doorgaan en er hard aan werkt om excentriek en uitzonderlijk te zijn, heeft een grotere voorspelbaarheid dan wie normaal, gewoon, alledaags en onopvallend heet te zijn. Zodra bijzonderheid gewild is, is het meest bijzondere er vanaf. Echt uitzonderlijke mensen weten zelden van zichzelf dat ze uitzonderlijk zijn en als ze er door de jaren heen achter beginnen te komen dat iets hen van anderen onderscheidt, kost het ze meestal hun verdere leven om zich er bij neer te leggen.
β
β
Connie Palmen (De vriendschap)
β
En dan gaat Eva dood. Ze is gesprongen. Zij kon ook goed kiezen. Geen half werk. Geen truttig gedoe met pillen en gevonden worden, en dan opnieuw.
Zij wilde dood omdat het leven haar niet bracht wat ze droomde. Omdat ze heel diep kon voelen. Omdat ze niet meer kon. Ik geloof nog altijd: zij wilde niet per se dood, zij wilde niet dit leven, niet dit hoofd, niet dit gehavend hart. Dat is echt iets anders. Er viel nog zoveel te proberen. Ik ben daar eerder verdrietig om dan kwaad, tegenwoordig.
β
β
Griet Op de Beeck (Vele hemels boven de zevende)
β
De bedrieger, de raadselmaker, de bewaarder van het evenwicht, hij met de vele gezichten die leven vindt in dedood en die geen kwaad vreest; hij die door deuren loopt.
β
β
Christopher Paolini (Eragon (The Inheritance Cycle #1))
β
Je moet die mensen die zeggen dat je je de pleuris moet werken om de goede dingen van het leven te kunnen waarderen, niet geloven. Dat is niet waar. Die willen je naaien. Genot is een religie en het lichaam is de tempel.
β
β
NiccolΓ² Ammaniti (I'll Steal You Away)
β
We staan elke dag op, doen wat van ons verwacht wordt, en gaan dan weer slapen, en dat noemen we leven. We saboteren onszelf zonder het te beseffen, omdat we nadoen wat ons ooit is voorgedaan, en dan denken we dat het zo moet gaan. En ondertussen organiseren we de dingen zo, dat we geen tijd hebben om stil te staan bij dat wat we ten diepste voelen.
β
β
Griet Op de Beeck
β
Lang nadat ik was opgehouden mijn vaders paden na te lopen, had ik van hem geleerd dat er in sommige levens bergen bestaan waar je niet naar terug kunt keren. Dat je in levens als het mijne en het zijne niet terug kunt naar de berg die het middelpunt is van alle andere, en het begin van je eigen geschiedenis. En dat mensen zoals wij, die op de eerste en hoogste berg een vriend hebben verloren, niets anders rest dan dwalen over de acht bergen.
β
β
Paolo Cognetti (Le otto montagne)
β
Ik wil de rots niet, maar de branding. Ik ben een schip in beweging; voor mij is juist een rots een levensgroot gevaar.
β
β
Marijke Schermer (In het oog)
β
Ze zei eens: 'Je kunt dicht bij elkaar liggen en ver van elkaar verwijderd zijn.
β
β
Bart Moeyaert (Het hele leven)
β
Een dag in het leven van een mens heeft vierentwintig uur: acht uur om te werken, acht uur om te drinken, acht uur om te slapen, een pragmatisch ritme
β
β
Pieter Waterdrinker (Tsjaikovskistraat 40: Een autobiografische vertelling uit Rusland)
β
Het effect van de schoonheid was geen genot, geen begeestering, geen verzoening met het leven, maar pijn. Kramp.
β
β
Arnon Grunberg
β
Het leven kan alleen achteraf worden begrepen; het vervelende is dat het voorwaarts moet worden geleefd.
β
β
Zia Haider Rahman (In het licht van wat wij weten (Dutch Edition))
β
Het begin van geluk is gelegen in het begrip dat het leven zonder verwondering niet de moeite waard is geleefd te worden. (p.56)
β
β
Abraham Joshua Heschel (De mens is niet alleen)
β
Er zijn in het leven meerdere momenten waarvan je zegt dat je ze niet zult vergeten, maar zonder taal vergeet je ze op den duur toch.
β
β
Maartje Wortel (Er moet iets gebeuren)
β
Denken is overroepen, in de weer blijven, doen, niet omkijken, zo kan een mens het leven overleven.
β
β
Griet Op de Beeck (Gij nu)
β
Het leven is te kort - of te lang - om me de luxe te permitteren het zo slecht te leven.
β
β
Paulo Coelho (Eleven Minutes)
β
Alles wat ik van het leven weet maakte ik me buiten de muren van de school eigen, en zodra ik me binnen die muren bevond leek het of ik achterwaarts leefde.
β
β
Gerrit Komrij
β
Antropocentrisme: de mens staat bovenaan in de evolutie, we zijn een geschikte maatstaf om het leven van andere dieren tegen af te zetten en de rechtmatige bezitter van al wat leeft.
β
β
Jonathan Safran Foer (Eating Animals)
β
Op de zeeΓ«n drijven stuurloos schepen waarvan de volledige bemanning het leven heeft gelaten en de roeiers vol schimmels en sappig in hun riemen hangen, de losse vellen vaandelend in de wind.
β
β
Dimitri Verhulst (Godverdomse dagen op een godverdomse bol)
β
Alleen spijt komt te laat. Ik bedoel dat letterlijk zo: enkel en alleen spijt komt Γ©cht te laat. Bussen, treinen, je allereerste echte orgasme, mensen, de spaghetti bolognese die je anderhalf uur geleden besteld hebt: het zijn geen van alle dingen waar je een leven lang van wakker ligt. Van spijt wel. Van alle dingen des levens is spijt het enige dat werkelijk tΓ© laat kan komen. Verder is te laat komen nooit zo dramatisch als het lijkt.
β
β
Zita Theunynck
β
Mocht ik het leven laten, dan weet ik in elk geval dat het volgens mijn regels is gegaan. Ik heb hiervoor gekozen en ik heb mijn leven gemaakt tot wat het is. Dat is voor mij meer waard dan een lang leven. - Anders
β
β
Rima Orie (De zwendelprins)
β
Mijn leven begon met ontsporing. Zó begrijpelijk dat ik het leven steeds van deze zijde beschouw; hoe ontspoor ik op de voordeligste wijze. Want dat een mens dÑÑr is in te ontsporen, daaraan kan ik, vroeg ontpoorde, niet twijfelen. Was deze spoorwegramp wel werkelijkheid? Is zij misschien enkel lokalisatie van een vroegrijpe wil tot ontsporen?
β
β
Paul van Ostaijen
β
Vroeger blikte ik in een chaotische toekomst, omdat ik het moment, dat vlak voor me lag, niet wilde beleven. (...) Ik had soms het zekere, doch zeer vage gevoel, dat ik "iets zou kunnen worden" in de toekomst, iets "geweldigs" zou kunnen doen en dan af en toe weer die chaotische angst dat ik "toch wel naar de bliksem zou gaan". Ik begin te begrijpen hoe dat komt. Ik weigerde de vlak voor me liggende taken te doen. Ik weigerde van trede tot trede voort te klimmen voor die toekomst. (...)
Vroeger leefde ik altijd in een voorbereidend stadium, ik had het gevoel dat alles wat ik deed toch niet het "echte" was, maar voorbereiding tot iets anders, iets "groots", iets echts. Maar dat is nu volkomen van me afgevallen. Nu, vandaag, deze minuut leef ik en leef ik volop en is het leven waard geleefd te worden en wanneer ik zou weten, dat ik morgen zou sterven, dan zou ik zeggen: ik vind het heel jammer, maar het is goed geweest, zoals het geweest is.
β
β
Etty Hillesum (Etty: de nagelaten geschriften van Etty Hillesum 1941-1943)
β
Gelukkig is vrijheid van meningsuiting iets anders dan het recht op een podium.
β
β
Lale GΓΌl (Ik ga leven)
β
Weet je... misschien... nee, niet misschien, ik weet het wel heel zeker: een mens redt het alleen maar als er een andere mens is die van hem houdt.
β
β
Annejet van der Zijl (Anna: het leven van Annie M.G. Schmidt)
β
It was one of those days when you're dragging life along behind you like a bag full of sand.
β
β
Hendrik Groen (Zolang er leven is - Het tweede geheime dagboek van Hendrik Groen, 85 jaar)
β
De werkelijke regisseur van ons leven is het toeval - een regisseur vol wreedheid, barmhartigheid en verwarrende charme.
β
β
Pascal Mercier (Night Train to Lisbon)
β
Leven is het weer. Leven is maaltijden. Lunch op een blauw-geruit kleed waar zout op is gemorst. De geur van tabak. Brie, gele appels, messen met houten handvaten.
β
β
James Salter (Light Years)
β
En omdat ik het vertikt heb om te leven alsof ik onkwetsbaar was op al die dagen dat ik geen oproep kreeg, omdat ik al die gisterens vergooid heb en nu geen morgens meer heb.
β
β
Adam Silvera (They Both Die at the End (They Both Die at the End, #1))
β
Read, laugh, and love someone
'Cause what's gone is gone
Try to keep having fun
As long as there's life
Evert
β
β
Hendrik Groen (Zolang er leven is - Het tweede geheime dagboek van Hendrik Groen, 85 jaar)
β
We lopen verder door de regen en ik wou dat het altijd zo zou blijven. Dat we zouden doorstappen tot het einde van de wereld, door alle landen, zonder ooit moe te worden, zonder ooit nog te moeten slapen of iets anders te eten dan frietjes of naar school gaan of werken of ooit nog opstellen over eten te moeten schrijven. Alleen maar altijd doorgaan. Papa en ik.
β
β
Griet Op de Beeck (Kom hier dat ik u kus)
β
Sterven is echter de eenzaamste gebeurtenis van het leven. We worden er niet alleen door van anderen afgescheiden, maar daarnaast stelt het ons ook bloot aan een nog angstaanjagender vorm van eenzaamheid: het is een scheiding van de wereld zelf.
β
β
Irvin D. Yalom (Staring at the Sun: Overcoming the Terror of Death)
β
Hoeveel jaar ben je nu alweer? Zeven? Mooi. Jij wordt al groot. Nog even en ook jij staat in de oetan van het leven waar de mysteries je omringen. Dan zal ook jij je mes moeten trekken om je er doorheen te kappen, kerel. Of je wordt erdoor verstikt.
β
β
Jeroen Brouwers (Het leven, de dood)
β
Misschien is het ontbreken van verplichtingen wel het belangrijkste kenmerk van het leven in een bejaardenhuis. Alles wordt voor je geregeld. Nadenken is niet nodig. Je kunt het leven als vla naar binnen lepelen, alle klontjes zijn eruit. Hap, slik, weg.
β
β
Hendrik Groen (Zolang er leven is: het nieuwe geheime dagboek van Hendrik Groen, 85 jaar)
β
Ik constateer dat iedere minuut van je leven zit de staat om het hoekje, je stapt nog maar in je auto, je moet je veiligheidsgordel aan doen, decreet van de staat, je mag maar 120 per uur rijden, decreet van de staat, maar je mag wel 33% BTW betalen, aan de benzinepomp mag je wel 80% aan de staat afdragen, op ieder sigaret heb je weer staat, ik rook 7 pakjes per dag dus ik onderhoud de staat.
β
β
Jean Pierre Van Rossem
β
Sommige mensen lijden omdat ze niet hoeven te leven. Ze hebben alles. Hun natje, hun droogje, een dak boven het hoofd. Maar ze hoeven niet te leven, want ze hebben alles. Als ze een boek waren geweest, zou een recensent vast schrijven: 'Aardig, maar de noodzak ontbreekt'.
β
β
Arnon Grunberg (Phantom Pain)
β
Ik heb intussen het 3e Hoofdstuk voltooid, vol verguldsel, paars licht, Eeeuwig onvervulde liefdesverlangens, Jongens op bromfietsen, motregen en met oude canapΓ© kleden behangen grotten. Het leven is veel groter dan ik het ooit zou kunnen beschrijven. En God is gek op me.
β
β
Gerard Reve
β
Ik denk dat ieder mens twee levens leidt, een vanbinnen en een vanbuiten. Subject en object. Het leven vanbinnen is het ware, het echte. Ik denk dat de mensen mooi worden als hun binnenleven doorschijnt naar buiten, als ze niet nadenken wat voor indruk ze maken, als ze vergeten toneel te spelen. Dat denk ik. Er zijn ook mensen bij wie het precies andersom is, die alleen maar buitenkant zijn, die alleen een leeg omhulsel zijn, die voortdurend moeten weten wat voor indruk ze maken, die leven om gezien te worden. Mensen die een houding aannemen. Triest. Dat soort mensen zijn net pingpongballetjes, een harde buitenkant en leeg van binnen. Niets te vinden. Totaal oninteressant.
β
β
Per Nilsson
β
Op dit moment gaat een tipje van de sluier omhoog die over het hele leven ligt: dat ik altijd en in alles weerloos, machteloos en vervangbaar als een atoom ben en dat alle bewustzijn, alle wil, hoop en vrees alleen maar manifestaties zijn van het mechanisme waarvolgens de menselijke moleculen zich bewegen in de peilloze kosmische materiedamp.
β
β
Willem Frederik Hermans (Nooit meer slapen)
β
Het stelt me buitengewoon gerust,' zei ze, terwijl ze de geΓ―nhaleerde rook uit-sprak, 'te horen dat u geen hartstochtelijk mens bent. Hoe zou u trouwens ook? Dan zou u uw aard moeten verloochenen. Hartstocht betekent : leven omwille van het leven. Maar het is bekend dat jullie leven omwille van de belevenis. Hartstocht betekent zichzelf vergeten. En jullie is het erom begonnen jezelf te verrijken. C'est Γ§a. U hebt er geen flauw vermoeden van dat dat een afschuwelijke vorm van egoΓ―sme is en dat jullie je op zekere dag zullen ontpoppen als vijanden van de mensheid.
β
β
Thomas Mann (The Magic Mountain)
β
Misschien zijn alle draken in onze levens eigenlijk prinsen en prinsessen die alleen maar zitten te wachten op het moment waarop we eindelijk, mooi en moedig, in actie schieten. Misschien is datgene waar we bang voor zijn in zijn blootste essentie iets hulpeloos wat onze liefde zoekt.
β
β
Griet Op de Beeck (Kom hier dat ik u kus)
β
Was het grote falen van mijn leven eigenlijk niet dat ik zo weinig had gefaald, omdat ik zo weinig had gedaan, omdat ik me zo weinig had verbonden, aan mensen, aan dingen? Ik had mezelf geen kans gegeven om te falen.
β
β
Rob van Essen (Ik kom hier nog op terug)
β
Leven is eigenlijk niets anders dan afscheid nemen van leven. Dat is de kern van het leven, en liefde is afscheid nemen van liefde - het is allemaal één groot afscheidsfeest. Het was een mooi afscheidsfeest, maar ik moet nu naar huis, even uitslapen, de afwas doen van verleden week. Begrijp je?
β
β
Arnon Grunberg (Phantom Pain)
β
Zal je? Zonder dat ze uitgesproken wordt, is deze vraag er altijd
Omdat we weten dat het leven ongenadig is, van nature gierig.
Zo makkelijk is het te vernielen. Het is zo verleidelijk
Iets dood te laten bloeden, alleen maar omdat het er is;
Meer hebben we blijkbaar niet nodig, dat onderscheidt
Ons van de dieren. Maar soms, 's zomers liggen we te wijzen
Naar de sterren, naar iets wat even onbegrijpelijk is als tijd,
Als de onmogelijkheid zelf van de sterren, of als het simpele feit
Dat jij en ik op die bepaalde dag toevallig dezelfde richting uitkeken.
Dat niemand onze hoofden leidden, zoals niemand onze armen nu omhoog-
Duwt. Maar het is niet naar de sterren dat we wijzen, het is niet de val
Die we voelen, hoewel van angst verstrengelen onder de denken.
Ondanks het besef dat we voorlopig worden gedoogd
Door de dingen zelf, antwoordt jouw lichaam al voor mij. Ja, ik zal.
β
β
Peter Verhelst (Nieuwe sterrenbeelden)
β
Wat is dat toch aan een mens dat het idee dat alles eindig is en uiteindelijk toch zal verzinken in anderhalve kuub aarde hem niet bij voorbaat moedeloos maakt een kort na zijn geboorte al bij de pakken neer doet zitten? β‘Japin
β
β
Arthur Japin (De man van je leven)
β
Een kunstwerk kan ons op velerlei manieren aanspreken: door zijn thema, zijn thesen, zijn onderwerp of zijn helden. Maar het meest van alles spreekt het ons toch aan door de aanwezigheid van kunst, want die aanwezigheid van kunst op de bladzijden van 'Misdaad en Straf' brengt de lezer in groter beroering dan de misdaad van Raskolnikov zelf. De primitieve kunst, de Egyptische kunst, de Griekse kunst, onze kunst, -dat alles is in een tijdsbestek van vele duizenden jaren één en dezelfde, enkelvoudige kunst. Daar ben ik van overtuigd. Zij houden een bepaalde gedachte in, een bepaalde bevestiging van het leven die zo allesomvattend is, dat zij niet in afzonderlijke woorden ontleed kan worden. Als een korrel van deze kracht in een gecompliceerder mengsel terechtkomt, krijgt dit bijmengsel van kunst op de betekenis van al het overige de overhand en blijkt het de kern, de ziel en de grondslag van het uitgebeelde te zijn.
β
β
Boris Pasternak (Doctor Zhivago)
β
Zoeken naar het ware wil niet zeggen zoeken naar het wenselijke. Als men zich, om de angstige vraag:'Wat zou dan het leven zijn?' te ontgaan, net als een ezel met de rozen van de illusie moet voeden, dan zal de absurde geest, in plaats van in de leugen te berusten, er de voorkeur aan geven, zonder te sidderen.
β
β
Albert Camus (The Myth of Sisyphus)
β
Ik vertel je mijn leven alleen opdat jij dit geheim meteen bij aanvang al zult kennen: wij zijn ongelukkig omdat wij denken dat we lief moeten hebben. Om gered te worden moeten wij iets eenvoudigs doen dat ons desalniettemin het zwaarst van alles valt: wegschenken waarnaar wij juist het meest verlangen. Niet hebben, maar geven. Zo zegepralen wij alsnog. Dit heeft mij mijn gebrek geleerd.
β
β
Arthur Japin (Een schitterend gebrek)
β
β¦zag jij misschien dat ik naar jou,
dat ik je zag en dat ik zag hoe jij
naar mij te kijken zoals ik naar jou
en dat ik hoe dat heet zo steels,
zo en passant en ook zo zijdelings -
dat ik je net zo lang bekeek tot ik
naar je staarde en dat ik staren bleef.
Ik zag je toen en ik wist in te zien
dat in mijn leven zoveel is gezien
zonder dat ik het ooit eerder zag:
dat kijken zoveel liefs vermag.
β
β
Joost Zwagerman
β
Alle mogelijke kanten die ik die dag met mijn leven op kon, heb ik in gedachten al genomen. Maar het is een denkoefening zonder oplossing, en de gevaren om gemankeerde lotsbestemmingen te verheerlijken zijn groter dan wij voor lief houden.
β
β
Dimitri Verhulst (De laatkomer)
β
Zijn jullie het allemaal vergeten? Zijn jullie hΓ©m vergeten? Zijn jullie vergeten hoezeer ik hem nodig heb? Zijn jullie vergeten dat ik niet weet hoe ik zonder hem moet leven? Wie kan me dat leren? Wie kan me vertellen wat ik nu moet doen?
β
β
Hanya Yanagihara (A Little Life)
β
Still, itβs important not to let practical considerations such as daunting toilet facilities stop you from venturing out. Experience has taught us that sad lesson: once old people stop doing something, they are unlikely ever to do it again.
β
β
Hendrik Groen (Zolang er leven is - Het tweede geheime dagboek van Hendrik Groen, 85 jaar)
β
Hij is de man die met één teen voelt hoe warm het water van het zwembad is. Dan uren twijfelt of hij nu wel, of toch beter niet een duik zal nemen, om uiteindelijk zijn zwembroek aan te trekken, dan nΓet het water in te gaan en toch moeilijk te doen omdat hij zich weer om moet kleden.
En dan is het zwembad het leven in dit beeld.
β
β
Griet Op de Beeck
β
verander je bewustzijn, maar laat je uiterlijk zoals het is.
β
β
Dalai Lama XIV (Volg je hart handboek voor een evenwichtig leven)
β
Verlangen doet alles bloeien, bezit verwelkt.
β
β
Michael Foley (Lang leve het gewone. De lessen van het alledaagse leven.)
β
Ik ben van plan de rest van mijn leven met haar door te brengen, maar dat durf ik nog niet te zeggen
β
β
Lieke Marsman (Het tegenovergestelde van een mens)
β
Time is slipping through my fingers like a ripe banana.
β
β
Hendrik Groen (Zolang er leven is - Het tweede geheime dagboek van Hendrik Groen, 85 jaar)
β
Ik wil proberen iemand te zijn met wie ik kan leven, geloof ik.
β
β
Griet Op de Beeck (Het beste wat we hebben)
β
Als leven een baan is, wilde ik ontslag nemen. Maar ik kon het kantoor niet vinden dat over ontslagaanvragen ging.
β
β
Marek van der Jagt (The Story of My Baldness)
β
Zo gaat het wanneer je je verliest in dromen, dacht hij: je droomt van het een, je droomt van het ander en voor je het weet heb je je hele leven verslapen.
β
β
Jess Walter (Beautiful Ruins)
β
De eerste missionarissen in Oost-Afrika hadden hooguit vijf jaar te leven, dat wisten ze, en toch gingen ze.
β
β
Marga Kerklaan (Het einde van een tijdperk: 130 jaar belevenissen van Nederlandse missionarissen)
β
Elk nieuw leven dat een mens begint is een voortzetting van het oude leven!
β
β
Willem Frederik Hermans
β
Niets is erger dan de herhaling van iets dat bij eerste optreden al voortreffelijk was. Het betekent de vernieting van de voortreffelijkheid.
β
β
A.F.Th. van der Heijden (Het leven uit een dag)
β
There are too many people who consider themselves far too important. And yet not one of us is anything but a grain of sand in the desert, a speck of dust in the universe.
β
β
Hester Velmans (Pogingen iets van het leven te maken: Het geheime dagboek van Hendrik Groen, 83ΒΌ jaar (Hendrik Groen, #1))
β
Echte troost ligt vaak niet in het vinden van het antwoord, maar in het steeds opnieuw mogen stellen van de vraag.
β
β
Manu Keirse (Van het leven geleerd)
β
Alsof ik almaar uit een raam aan het vallen ben, al mijn hele leven lang, zo voelt het.
β
β
Griet Op de Beeck
β
Is dat niet altijd zo? Je ouders zijn je helden totdat het standbeeld dat je voor hen hebt gemaakt afbrokkelt tot alleen de echte persoon overblijft.
β
β
Audrey Adelin (Kleine gelukjes: Studeren is de beste tijd van je leven⦠[Toch?])
β
Het leven is niet vanzelf leuk, dat maak je zo.
β
β
Luna Van Roosen (Night Thinker)
β
Het is nog zomer, maar het leven is eruit; de zomer is zonder verdorring tot stilstand gekomen en de herfst is nog niet klaar voor zijn entree.
β
β
Tove Jansson
β
Geluk en ongeluk zijn geen absolute grootheden, maar bestaan slechts in verhouding tot elkaar. Men moet hebben willen sterven om te weten hoe goed het leven is.
β
β
Alexandre Dumas (The Count of Monte Cristo)
β
Een groot schrijver is altijd pessimist, want hij weet dat het leven moeilijk begint en slecht eindigt.
β
β
Gerard Reve
β
De gewenning zou ons hebben gevoerd naar dat roemloze maar ook ramploze einde dat het leven bewaart voor degenen die de langzame afstomping door slijtage niet afwijzen.
β
β
Marguerite Yourcenar (Memoirs of Hadrian)
β
Niettemin ben ik op de leeftijd gekomen waarop het leven voor ieder mens een aanvaarde nederlaag is.
β
β
Marguerite Yourcenar (Memoirs of Hadrian)
β
Ik wil dat ze kon zien hoe geslagen hij is. De uitdrukking op zijn gezicht, zijn leven staat op instorten. Want dan zou ze misschien beseffen, al het was het maar een fractie van een seconde, dat hoewel de wereld haar niet interesseert, de wereld wel geΓ―nteresseerd is in haar.
β
β
David Levithan
β
Dat reizen om ergens een deeltje van toen en toen te ontdekken, dat is toch tijdverspilling? U bent toch schrijver, en geen bibliothecaris? Het gaat in het leven om geheel andere deeltjes.
β
β
Gerard Reve (Gekke Jongen, Wijze Man: Over Boudewijn BΓΌch en Gerard Reve, over Gerard Reve en Boudewijn BΓΌch)
β
Hoe vaak vertellen we ons eigen levensverhaal? Hoe vaak stellen we bij, verfraaien we, laten we handig dingen weg? En hoe langer het leven doorgaat, hoe minder er om ons heen overblijven om onze versie te betwisten, ons eraan te herinneren dat ons leven niet ons leven is, maar alleen het verhaal dat wij erover verteld hebben. Verteld aan anderen, maar - voornamelijk - aan onzelf.
β
β
Julian Barnes (The Sense of an Ending)
β
Als je een goed boek leest, ontsnap je niet aan het leven, je stort je er juist dieper in. Er kan sprake zijn van een oppervlakkige ontsnapping β in verschillende landen, mores, spraakpatronen β maar wat je in wezen doet is je begrip versterken van de subtiliteiten, paradoxen, vreugde, pijn en waarheden van het leven. Leven en lezen zijn geen onderscheiden maar symbiotische waarden.
β
β
Julian Barnes (Through the Window: Seventeen Essays (and One Short Story))
β
En de tijd die zo gestaag en zo zeker voorbijgaat slaat voorbij de klokken op hol. Het kost zo weinig tijd om een leven te veranderen en het kost een heel leven om die verandering te begrijpen.
β
β
Jeanette Winterson (The Gap of Time)
β
waardoor ik niet anders kan dan concluderen
dat dit is hoe het is
dat we dit blijkbaar zo hebben afgesproken
met elkaar
blijkbaar doen wij in dit deel van de wereld
de grote dingen in het leven alleen
kinderen krijgen
ze grootbrengen
liefde zoeken
werk zoeken
keuzes maken
herstellen
onze weg vinden
bezorgd zijn om de toekomst van de planeet
sterven
al die dingen
doen we
eigenlijk
alleen
β
β
Suzanne Grotenhuis (Waar zijn de wolken: Een pleidooi voor minder zelfzorg)
β
Het was een van die zuivere gevoelens die het normale leven niet verstoren, die men koestert omdat ze zeldzaam zijn en waarvan het verlies dieper zou kwetsen dan dat het bezit voldoening schenkt.
β
β
Gustave Flaubert (Madame Bovary)
β
Nee, het rampzalige was wanneer ze je begonnen te vragen 'wat je nou eigenlijk wilde in dit leven?', terwijl ze zelf toch het beste voorbeeld gaven van hoe je het in elk geval niet aan moest pakken.
β
β
Herman Koch (Red ons, Maria Montanelli)
β
Niemand zegt je als je klein bent dat dit het zal worden. Dit leven stil en donker, waar alleen de gekwelde zielen uit ontsnappen. Om het dan nog stiller en nog donkerder te maken, voor al wie blijft.
β
β
Griet Op de Beeck (Vele hemels boven de zevende)
β
Natuurlijk heb ik er in de loop van de jaren vaak over nagedacht: wat het betekende te leven, te ademen, te bewegen. Over het bewustzijn dat in me geplant was, en wel uitgerekend in mij. Over het wonder van de bezieling.
Maar ook voor de onverbeterlijke bespiegelaar geldt dat hij het leven doorgaans als iets vertrouwds en vanzelfsprekends beschouwt. Je kunt niet over elke ademtocht nadenken, want dan stik je.
β
β
A.F.Th. van der Heijden
β
Mijn leven was een veelheid van romans, het laat zich niet vangen in één tekst, daarvoor was het veel te chaotisch en bovenal compleet ongepland. In een roes heb ik het opgetekend, drie dagen en drie nachten lang.
β
β
Jean Pierre Van Rossem (De engel in de duivel)
β
De liefde, meende zij, moest plotseling komen, met donder en bliksem -als een orkaan uit de hemel, die het leven overvalt, het omverwerpt, ieders wil als blaadjes van de bomen rukt en het hart volledig in de afgrond stort. Zij wist niet dat de regen plassen vormt op het plat van de huizen als de goten zijn verstopt; en zij zou zich dan ook nergens zorgen om hebben gemaakt, als zij niet plotseling een scheur in de muur had ontdekt.
β
β
Gustave Flaubert (Madame Bovary)
β
Alles bestaat maar en gaat maar door, op iedere zomer volgt een nieuwe zomer, op iedere nacht een dag en weer een nacht, bloemen zijn nauwelijks uitgebloeid en uit de zaden groeien alweer nieuwe, ieder mens krijgt een kind en dat krijgt weer een kind en dat op zijn beurt ook weer een kind, het maakt niet uit wat jou overkomt, want er is in jouw plaats altijd een ander, even goedgelovig en vermeend bijzonder en vervangbaar als jij, en die hele aardse tredmolen draait zo maar door, tot in de eeuwigheid der eeuwigheden.
Het laat hem niet meer los, dat gevoel van verdovende herhaling tot in het oneindige. Hij valt in slaap, het is er βs ochtends nog steeds en de dagen en de nachten daarna. Er is niets om voor wakker te worden, om voor op te staan. Het is alsof hij uitgeput tegen een muur wil leunen, en telkens als hij een stap in zijn richting doet, wijkt de muur terug. Eindelijk begrijpt hij waarom Eliza May bij haar volle verstand voor de naam Emery en de vloek koos. Het was geen keuze voor de dood, het was een keuze juist voor het leven, hartstochtelijk en kort. Alles verliest zijn waarde als het er altijd is, alsof je langzaamaan blind wordt.
β
β
Anjet Daanje (Het lied van ooievaar en dromedaris)
β
En in de lente van 1979 besloot ik in al die drukte in de wereld te verdwijnen, nummer twee te worden, iemand die nuttig wilde zijn in plaats van op te vallen, die deed wat hem gevraagd werd. Maar dat is uiteraard een gedachte achteraf, dat het toen begon, een poging het beginpunt van een leven vast te pinnen. Alleen in de fictie, in films en romans kun je het exacte tijdstip van een verandering vaststellen. In de werkelijkheid komt de keuze geleidelijk, de gedachte ontwikkelt zich stukje bij beetje en misschien was het pas ergens in de brugklas dat ik actief besloot om onzichtbaar te zijn.
β
β
Johan Harstad (Buzz Aldrin, waar ben je gebleven?)
β
Voor het geluk zijn we jammerlijk afhankelijk van onze medemensen - zij kunnen ons naar believen hun liefde en hun zorgen geven of onthouden; het ongeluk kunnen we onszelf altijd, naar eigen goeddunken en met het grootste gemak, toedienen.
β
β
Patricia De Martelaere (Een verlangen naar ontroostbaarheid: Over leven, kunst en dood)
β
Al wat ik verlang van een boek is dat het mij op een gedegen manier bezighoudt en vermaakt; en voor zover ik studeer ben ik er alleen maar op uit de kennis over mijzelf te verdiepen en te leren hoe ik op de juiste wijze moet leven en sterven.
β
β
Michel de Montaigne (De essays (Dutch Edition))
β
Ik lachte, en dat deed pijn, omdat ik op dat moment al wist dat ik het heel anders zou doen als ik mijn leven maar dertig seconden terug kon draaien. Maar je kunt je leven niet terugdraaien. Dingen die gebeurd zijn, kun je niet ongedaan maken.
β
β
Alyssa Brugman (Walking Naked)
β
Ik heb een hekel aan fantastische vertellingen. Sprookjes, dromen, saai-jans-fiction, de hele boel kan me gestolen worden.'
'Waarom, meisje?'
'Het gewone dagelijkse leven is al fantastisch genoeg.'
'Kind, kind,' de juffrouw hief de handen geschrokken ten plafond, 'waar haal je die onzin vandaan! Straks ga je nog zeggen dat de werkelijkheid fantastischer is dan een roman.
β
β
Remco Campert (Het leven is vurrukkulluk)
β
Hij is mooi he?' Ze stond nu naast hem aan de andere zijde.
'Ja, hij is heel mooi.' Ze glimlachte naar me terwijl ze over zijn haar streek. Ik glimlachte terug.
'Mijn jongen', zei ze en ze bleef over zijn haar strijken.
Ik wist net als zij dat ze bij leven al jaren niet meer over zijn haar had mogen strijken en ik dacht dat het vreselijk moest zijn om een moeder te zijn.
β
β
Esther Gerritsen
β
Met dat geleuter in mijn hoofd kan ik urenlang doorgaan, het is zo ongeveer de prettigste bezigheid die ik ken. Alles in het leven zoekt een vorm om zich tot uitdrukking te brengen, meen ik, en ik ben bijna twintig en ik kan mij geen mooier leven voorstellen dan het ontcijferen van al die vormen van uitdrukkingen, met als doel ze allemaal terug te voeren tot de lichtste en zwaarste van alle dingen: de woorden. Dat is het geluk en de bevrijding, het verwoorden van alles wat daar niet eens om vraagt.
β
β
Connie Palmen (De vriendschap)
β
De meeste mensen beweren dat zwart geen kleur is. Zij hebben het mis. Zonder zwart heeft een kleur geen diepte. Er ontstaat pas schaduw als je het mengt met de kleuren om je heen. Je hebt zwart nodig om de wereld te kunnen zien, om je leven echt kleur te geven.
β
β
Pamela Sharon (De geur van groen)
β
Er brandt in mij dan een wilde begeerte naar sterke gevoelens, naar sensaties, een afkeer van dit afgezaagde, genormaliseerde en gesteriliseerde leven, en een hevige begeerte ergens iets stuk te slaan, een warenhuis of een kathedraal of mijzelf, roekeloze stommiteiten te begaan, een paar vereerde afgoden de pruiken af te rukken, een paar opstandige schooljongens de vurig verlangde kaartjes naar Hamburg te verschaffen, een klein meisje te verleiden of een paar vertegenwoordigers van de burgerlijke wereldorde de nek om te draaien. Want dit haatte, verafschuwde en vervloekte ik van alles toch wel het hevigst: deze tevredenheid, deze gezondheid, de behaagelijkheid, dit gekoesterde optimisme van de burger, deze vette vruchtbare zelfvoldaanheid van het middelmatige, het normale, de doorsnee.
β
β
Hermann Hesse
β
I want to find happiness in the tiniest of things - a minute moss plant, 2 cm across, on a rock - and I want to try to do what I've been wanting to do for so long, that is, to copy these infinitesimally small things as precisely as possible and to be aware of their size.
β
β
M.C. Escher (Leven en werk van M.C. Escher : het levensverhaal van de graficus : met een volledig geΓ―llustreerde catalogus van zijn werk)
β
Ik ben niet treurig. Ik heb alleen groot medelijden met de andere mensen die zo ver bij mij vandaan zijn en al had ik een radiozender tot mijn beschikking, het zou geen nut hebben hun te zeggen wat ik denk. Ik kan hen niet begrijpen en zij mij evenmin. De gekste sprookjes zijn niet uit hun hersens weg te branden, varianten op domme grootheidswanen, uitgebroed toen hun voorouders nog in holen woonden en niet beter wisten of de hele kosmos was niet groter dan hun hol. En als ze er niet aan geloven, dan hopen ze toch wel spirituele openbaringen te kunnen putten uit materiΓ«le nonsens. Want, zeggen ze, wij kunnen zo alleen niet verder leven, wij hebben behoefte aan troost. (Leef ik soms niet verder? Wie troost mij?)
Daarvoor laten ze de pausen in paleizen wonen en de Aga Khan diamanten eten. Aan de miljoenen die uit naam van hun troostende leugens mishandeld worden, aan de absurde wetten die er zelfs in de beschaafdste landen op zijn gebaseerd, denken zij nooit, want zij willen in slaap gesust worden met sprookjes en hoe meer bloed ervoor vergoten wordt, hoe beter zij erin kunnen geloven. Want bloed is het enige waarover ze beschikken en het enige onomstotelijke existentiΓ«le feit is hun onverzadelijke bloeddorst.
β
β
Willem Frederik Hermans (Nooit meer slapen)
β
En zo kom je in de loop van de jaren (...) erachter dat je meestal niet jezelf bent, niet symmetrisch met jezelf, maar dat je het grootste deel van je leven in een aantal vreemde incarnaties bestaat voor welke je alle verantwoordelijkheid van de hand zou wijzen als je kon.
β
β
Willem Frederik Hermans (Nooit meer slapen)
β
Eva voeg zich dat af: waarom mensen niet gewoon krijgen wat ze verdienen, misschien omdat ze ook moeten verdienen wat ze krijge, denk ik nu. Want dat is moeilijk: naar jezelf kijken, en naar het leven dat je altijd hebt geleid, je afvragen of het beter kan, durven toegeven van wel. En dan genoeg op jezelf vertrouwen om te kiezen voor verandering. Omdat de liefde zo groot is. Omdat ze maar niet overgaat. Omdat je weet, diep vanbinnen, dat daar het echte geluk ligt. En dat je echt ten diepste verbonden voelen met iemand alles beter maakt, afstraalt op iedereen die je graag ziet.
β
β
Griet Op de Beeck
β
Soms, ondergedoken in zijn boeken, werd hem duidelijk hoeveel hij nog niet wist, hoeveel hij nog niet gelezen had, en het was gedaan met de sereniteit waarmee hij had gewerkt toen tot hem doordrong hoeveel tijd hij in zijn leven nog had om dat allemaal te lezen, te leren wat hij moest leren.
β
β
John Williams (Stoner)
β
De Geest van de Lichte Droge Sneeuw nam de Geest van de Korrelige Sneeuw tot gezellin en enige tijd later baarde zij ver in het Noorden een Berg van IJs. De Zonnegeest haatte het glinsterende kind dat groeide en zich steeds verder over het land uitstrekte en de zonnewarmte tegenhield zodat er geen gras kon groeien. De Zon besloot Berg van IJs te vernietigen, maar de Geest van de Stormwolk, de bloedverwant van Korrelige Sneeuw, ontdekte dat de Zon haar kind wilde doden. En in de zomer, toen de Zon op zijn krachtigst was, vocht de Geest van de Stormwolk met hem om het leven van Berg van IJs te redden.
β
β
Jean M. Auel (The Clan of the Cave Bear (Earth's Children, #1))
β
Wanneer alle spelers na de gedane arbeid op de parkeerplaats voor de school in de steeds warmer wordende avondlucht bijeenkwamen om de ervaringen van die dag uit te wisselen, begreep ik dat iedereen geraakt werd door het stuk waarmee hij bezig was en we voelden dat het over de dood ging en ik geloof dat we beseften (al weten de goden dat we er niet bewust aan dachten) dat dit Wohlmans manier was om ons te vertellen dat ons, zodra we klaar waren met deze school, niet de toekomst wachtte met al zijn openbaringen, kansen en al die andere zaken die we ons hadden voorgesteld - een zee van mogelijkheden en ervaringen - maar juist het begin van iets anders, iets zonder de exploderende kleurenpracht die we elkaar hadden voorgeschilderd, hier zetten we de eerste onmogelijke stappen op weg naar het werkende leven, naar de routine, de eindeloze herhaling, de systematiek en het leven van alledag waar iedereen die vΓ³Γ³r ons volwassen geworden was al lang deel van uitmaakte, ochtenden, werkdagen en bezoekjes aan de supermarkt en de rijen voor de kassa en de uren voor de tv of de uren met de was of koken en kinderen die je op sommige dagen liever niet gehad had en de grenzeloze irritatie over de naΓ―eve jeugd die het had over Kerouac, de planning van de volgende ochtend, dit alles ad nauseam herhaald, slechts onderbroken door korte dagen die zich ontvouwden en dan weer verschrompelden, 's zomers of met Kerst, dagen die alleen nog extra benadrukten dat niemand ons kwam verlossen en dat we alleen maar konden hopen dat we in elk geval een beetje konden dansen op het ritme van onze inmiddels o zo voorspelbare levens, dat dat juist onze redding zou blijken zodat we niet langer zouden vechten tegen de monotonie maar die juist zouden accepteren, dat we het triviale zouden omarmen, zoals Wohlman ongetwijfeld gedaan had, tot we op een dag wakker werden en beseften dat de maat waarop we dag in dag uit bewogen, wankel en allesbehalve gracieus, uiteindelijk onze eigen hartslag was, naar, bij gebrek aan een beter woord, hartenlust kloppend van opluchting omdat we nu eindelijk in de geweldige maalstroom waren beland van identieke, voorspelbare dagen.
β
β
Johan Harstad (Max, Mischa & Tetoffensiven)
β
Heel de inrichting van de samenleving is maar op één doel gericht: alle burgers, voor zover het algemeen belang het toelaat, vrijwaren van lichamelijke arbeid om zo veel mogelijk tijd te kunnen besteden aan de vrije ontwikkeling van hun geest. Daarin ligt volgens Utopianan namelijk de sleutel tot een gelukkig leven.
β
β
Thomas More (Utopia)
β
Toen hij de kluizenaar in de zachte aarde naast het beekje begroef, besefte hij dat alles mogelijk zou zijn voor hem op deze plek. Hij had voedsel en water; hij had een huis; hij had een nieuwe identiteit voor zichzelf gevonden, een nieuw en totaal onverwacht leven. Hij kon de ommekeer bijna niet vatten. Nog geen uur geleden had hij willen sterven. Nu beefde hij van geluk, niet in staat te stoppen met lachen toen hij de ene schop na de andere op het gezicht van de dode man wierp.
β
β
Paul Auster
β
... je wilde dat het leven was zoals je verkeersexamen op de basisschool, waarbij er op elke rotonde en straathoek een moeder op een visstooltje zat en naar je glimlachte als je netjes je hand uitstak en je al je zenuwen en angsten kwijtraakte, want het was goed, welke afslag je ook los, zij zaten daar met ene zonnehoed op en een leesboek op schoot, zij zouden daar bijleven zitten, zijn bleven opkijken als je voorbijkwam, soms riepen ze iets over dat je een mooie bocht maakte, ja, een mooie bocht, of iets over de stevige wind die je altijd tegen had, maar meestal zwegen ze en glimlachten alleen maar en dan wist je dat je slaagkans groot was ...
β
β
Lucas Rijneveld (Mijn lieve gunsteling)
β
Wie deel uitmaakt van een groep die een doel nastreeft, voelt zich opleven en blijkt plots tot veel meer in staat dan hij of zij voordien mogelijk achtte. Het leven wordt zinvoller en vreugdevoller. Maar net zoals bij genot schuilt ook hier hetzelfde addertje onder het gras. Elke vorm van zingeving kan ontsporen tot een monomane, dogmatische gekte, ten koste van zichzelf en anderen. Gezonde voeding promoten, met het accent op minder vlees en meer groenten, is zonder twijfel een goed idee. Slagers bedreigen is een stap te ver. Als zich inzetten voor een betere wereld betekent dat andersdenkenden geΓ«limineerd moeten worden, dan botsen we op een andere waanzin.
β
β
Paul Verhaeghe (Intimiteit)
β
Ik voel de drang tegen de grenzen van de taal storm te lopen, en dat is geloof ik de drang van alle mensen die ooit geprobeerd hebben over ethiek en religie te schrijven en te spreken. Dat stormlopen tegen de wanden van onze kooi is geheel en al zinloos. Voor zover de ethiek ontstaat vanuit de wens iets over de uiteindelijke zin van het leven te zeggen, over het absoluut goede, het absoluut waardevolle, kan ze geen wetenschap zijn. Door wat ze zegt wordt onze kennis in geen enkele zin vermeerderd. Maar het is getuigenis van een drang in het menselijke bewustzijn die ik persoonlijk alleen maar kan waarderen en die ik voor geen enkele prijs belachelijk zou maken.
β
β
Ludwig Wittgenstein (Vortrag ΓΌber Ethik und andere kleine Schriften)
β
De moderne mens: volledig in zichzelf gekeerd eet hij zijn patatje, tegen anderen opbotsend, een trek van wezenloze domheid en kwaadaardigheid op z'n gezicht dat ontsierd wordt door een modieus snorretje. Na z'n patatje te hebben opgevreten werpt de moderne, zelfbewuste, geseculariseerde mens het plastic bakje over z'n schouder op straat. Als hij langs onze winkel komt denkt hij: 'Uhh?! Boekies.' Β Dan smeert hij de mayonaise die nog aan z'n handen zit aan de buiten uitgestalde boeken, loopt de hal in en doet de deur half open om de verkoper toe te snauwen: 'Ken ik hier ook boekies inleveren!' En als de verkoper op z'n bekende vriendelijke manier uitlegt wat voor boeken hij wel zou willen kopen, kijkt de moderne mens hem niet-begrijpend en met openhangende, walmende muil aan: 'Literatuur! Wa bedoelu?' 'O, leesboekies. Nou daar heb ik nog wel wat van staan.' En enige seconden later verlaat de moderne mens de winkel om zijn zinloze, verontreinigende tocht door de straten, de stad en het leven voort te zetten.
β
β
Hans Engberts (Winkeldagboek)
β
Een jong iemand heeft haast. Een jong iemand heeft niet het geduld dat je met ervaring krijgt. Hij begrijpt niet dat we hoe dan ook naar dat ene onderweg zijn. Jongeren denken altijd dat ze een nieuwe, betere wereld zullen bouwen. Alle jongeren. Nieuwe jongeren, oude jongeren. En toch laat iedereen een wereld achter waar je niet wilt in leven.
β
β
WiesΕaw MyΕliwski (Traktat o Εuskaniu fasoli)
β
Ik zat eraan te denken dat ik nooit zou geloven dat dit leven met zijn liefde, streven naar waarheid en geluk, zijn weerlichten en verre ruisen van water in deze nacht zinloos en redeloos was, wie dat ook mocht beweren. Ieder van ons moet β alom en altijd, en tot aan het einde van zijn dagen β strijden voor de verankering van dit leven.
==
1946
β
β
Konstantin Paustovsky (Verhaal van een leven, deel 1)
β
Weet ik iets zeker? Er is een ding dat ik zeker weet. Er is sprake van een verbijsterende liefde en van een ongelofelijk mooi aanbod dat 'leven' heet. En helaas wordt dit aanbod niet door genoeg mensen erkend als iets buitengewoon schoons. Er zijn genoeg mensen die zelfs hun status verkrijgen en geld verdienen aan het actief ontkennen van dat gevoel.
β
β
Herman van Veen
β
Ik heb mijn strikt persoonlijke tijdrekening, onmogelijk in overeenstemming te brengen met die welke gebaseerd is op de stichting van Rome of het tijdperk van de Olympiaden. Vijftien jaren in het leger hebben korter geduurd dan een ochtend in Athene; er zijn mensen met wie ik mijn leven lang ben omgegaan en die ik in de Onderwereld niet zou herkennen.
β
β
Marguerite Yourcenar (Memoirs of Hadrian)
β
Meestal luistert hij voor hij naar bed gaat nog even naar muziek, maar vandaag heeft hij daar geen zin in. Hij bladert in het in wasdoek ingebonden schrift, leest willekeurige notities uit het verleden. De dagen rijgen zich aaneen, de tijd vliedt, week na week, op zondagen is de datum in rood gemarkeerd. Hij is ijverig geweest, bijna dagelijks staat genoteerd dat hij een paar regels heeft geschreven. Helaas ook vaak, veel te vaak, dat het werk hem zwaar valt, dat hij geen zin heeft, dat hij maar moeilijk opschiet. Na het korte bericht over het werk elke morgen volgen de gebeurtenissen van de dag. Bezoekers, uitstapjes, maaltijden met Katja en de kinderen, wandelingen, theaterbezoek, lectuur en correspondentie. Zijn stemmingen, zijn lijden. Zijn lichaam reageert gespannen op de verplichtingen van het leven, met pijnen en verteringsproblemen. Het leven is nu eenmaal vaak moeilijk te verteren.
Waarom schrijft hij dat allemaal op? Voor het nageslacht? Onwaarschijnlijk, de notities hebben geen enkele literaire waarde. Niemand heeft de schriften ooit gelezen, ook Katja en de kinderen niet. De dagboeken uit zijn jeugd heeft hij jaren geleden al verbrand, en ook wat zich sindsdien heeft opgehoopt zal hij op een dag in het vuur gooien.
Niettemin zit hij avond aan avond aan zijn bureau om de vervliegende dag vast te houden. Rekenschap afleggen tegenover zichzelf, dat is het waarschijnljk, verplichte zelfobservatie. En een steun in moeilijke tijden, ook dat.
β
β
Britta BΓΆhler
β
Maakt het uit, vroeg ik, maakt het iets uit of je weet waarom iemand je verlaat? Leiden gesprekken over waarom en hoe en met welke gevoelens ergens toe? Het verhaal kan immers een leugen zijn, en de uitkomst blijft hetzelfde en het onverenigbare of het onoverbrugbare dat de pijnlijke kern is van zo'n breuk verdwijnt er niet door. Al dat praten is alleen een ritueel.
β
β
Marijke Schermer (In het oog)
β
Ze dacht aan Peter Vasiljev en aan de geesten van niet-geleefde dromen, die gedoemd zijn een mens te blijven achtervolgen. Ze zag zichzelf nog een laatste keer in het ThéÒtre du ChÒtelet over het toneel zwieren, gewild, geliefd, bejubeld, en sloot het glimlachend in haar hart, dat verloren andere leven, vol vrijheid, ongebreidelde hartstochten en provocaties, in de kring van uitverkorenen en voortreffelijken - ten slotte dwong ze zichzelf toch op te staan, omdat Kitty en Kostja alweer ruziemaakten en Christine hen niet tot de rede wist te brengen.
β
β
Nino Haratischwili (Das achte Leben (FΓΌr Brilka))
β
Er is slechts één rijkdom en dat zijn de banden tussen de mensen onderling.
Als we ons enkel en alleen inspannen voor materieel gewin, bouwen we onze eigen gevangenis. Dan veroordelen we onszelf tot eenzame opsluiting, met onze munten van as waarmee we niets kunnen kopen dat het waard is om voor te leven.
Translation via Google translate:
There is only one wealth and that are the ties between people.
If we only strive for material gain, we build our own prison. Then we condemn ourselves to solitary confinement, with our coins of ash with which we can't buy anything that is worth living for.
β
β
Antoine de Saint-ExupΓ©ry (Nachtvlucht & Aarde der mensen)
β
Als ik denk aan de dood, dan lijkt het griezelig, monsterachtig, ongelooflijk - niet dat deze hand, waarmee ik nu deze dingen schrijf, later zal verrotten als een appel, maar dat ze nu zo snel, zo levendig, zo vlot beweegt - het lijkt hekserij, magie. Het ontstellende, huiveringwekkend bevreemdende is niet dat de maden en wormen uit deze huid zullen breken zonder dat deze hand - nu zo waakzaam, zo snel geΓ―rriteerd door muggen, kleine vliegjes - een vinger zal verroeren - het onvoorstelbare, angstaanjagende zijn de aders die nu kloppen, de poriΓ«n die ademen, de zenuwen en spieren die samentrekken, trillen, de verbindingen met dit hoofd - later een uitgevreten schedel - dat alles in beweging tovert. Mijn hand is een dier, een afschuwelijk snel bewegend insekt, een parasiet van het leven in mijn hoofd.
β
β
Patricia De Martelaere (Nachtboek van een slapeloze)
β
Terwijl hij wachtte tot het trillen minder werd - terwijl hij machteloos keek naar de rukkerige, maaiende bewegingen, alsof hij in een kinderkamer vol krijsende, zich misdragende peuters zat en zijn stem kwijt was en ze niet tot bedaren kon brengen - vermaakte Alfred zich ermee zich voor te stellen dat hij zijn hand afhakte met een bijl: dat hij het ongehoorzame lichaamsdeel duidelijk maakte hoe vreselijk boos hij erop was, hoe weinig hij ervan hield als het hem niet wilde gehoorzamen. Het leidde tot een soort extase als hij zich voorstelde hoe het blad van de bijl de eerste keer in het bot en de spieren van zijn ergerlijke pols hakte; maar tegelijk met de extase, ermee samengaand, was er een neiging om te wenen om die hand die van hem was, waar hij van hield en die hij het beste toewenste, die hij zijn hele leven al kende.
61
β
β
Jonathan Franzen (The Corrections)
β
Ik weet niet wat het is met ons,' zei hij gelaten toen ik een week voor zijn dood de nacht naast hem doorbracht. 'We doen het er niet om maar op de een of andere manier vallen wij overal buiten. Heb je dat ook gemerkt? Word jij ook wel eens beslopen door het gevoel er niet bij te horen zonder dat je zou kunnen zeggen waarbij? Dat je rebels wordt genoemd alleen maar omdat je niet het riedeltje van Koekoek Eenzang zingt? Zorg daarom dat je zelf je plan trekt, ook als ik er niet meer ben, anders word je verpletterd door de horden. Het belangrijkste in het leven is zelfredzaamheid. Dan komt er een hele tijd niets, en dan komt voetje voor voetje de zachtheid aangeslopen. Zachtheid en zelfredzaamheid, daar gaat het om. Maar die zachtheid moet natuurlijk wel verdiend worden, dus daar moet men uiterst spaarzaam mee omgaan. Niet vergeten.
β
β
Charlotte Mutsaers (Harnas van Hansaplast)
β
Hoe goed zou het me toen gedaan hebben als ik door elkaar werd geschud door de stormen van een onzeker leven vol strijd en door rauwe, bittere ervaring zou leren verlangen naar de rust waarover ik me nu beklaagde!
β
β
Charlotte BrontΓ« (Jane Eyre)
β
Het huwelijk tussen links Nederland en lichtgetint-orthodox-Nederland is er een dat barst van de ongerijmdheden en dat niet te doorgronden valt. Een gemeenschap die voor het leeuwendeel een geΓ―mporteerd Staphorst is, een soort oriΓ«ntaalse SGP, met gesluierde vrouwen, vrouwen die achter de mannen bidden in de moskee, tegen abortus, tegen homo's en transgenders, tegen genderneutraliteit, tegen vrijheid van meningsuiting in de vorm van satire, tegen godslastering, vΓ³Γ³r besnijdenis, vΓ³Γ³r nationalisme en een eigen-volk-en-geloof-eerst-mentaliteit, met duidelijke rollen voor de geslachten, waarbij de vrouwen de piepers schillen en de mannen brood op de plank brengen, moderniteit-sceptisch en anti-feministisch, wat had die gemeenschap in godesnaam te zoeken bij het inclusieve links met de geheven regenboogvlaggen? Wie stemt er nu ErdoΔan in het ene land en PvdA in het andere?
β
β
Lale GΓΌl (Ik ga leven)
β
Jezus, ik ga niet zo iemand worden die het er altijd maar over heeft wat hij gaat doen. Ik ga het gewoon doen. Je de toekomst voorstellen is een soort nostalgie.'
'Huh?' vroeg ik.
'Je zit je hele leven in het labyrint vast, overdenkend hoe je er ooit uit zult ontsnappen, en hoe geweldig dat zal zijn, en dat beeld van de toekomst houdt je op de been, maar je doet het nooit. Je gebruikt de toekomst alleen maar om aan het heden te ontsnappen.
β
β
John Green (Looking for Alaska)
β
Iemand zou de hoop kunnen koesteren dat hij door zijn verwachtingen te reduceren werkelijker zou kunnen worden, dat hij zichzelf zou kunnen beperken tot een harde, betrouwbare kern en daarmee immuun zou worden voor de pijn van de teleurstelling. Maar hoe zou het zijn om een leven te leiden dat zich verre houdt van grootse, onbescheiden verwachtingen, een leven waarin alleen nog banale verwachtingen bestaan, zoals de verwachting dat de bus komt?
β
β
Pascal Mercier (Night Train to Lisbon)
β
Op de belangrijkste vragen geeft de mens uiteindelijk met zijn hele leven antwoord. Het maakt niet uit wat hij tussendoor zegt, welke woorden en argumenten hij aanvoert om zich te verdedigen. Aan het eind, als alles voorbij is, geeft hij met de feiten van zijn leven antwoord op de vragen die de wereld zo hardnekkig aan hem blijft stellen. Die vragen luiden: Wie ben jij? Wat wilde je echt? Waartoe was je werkelijk in staat? Waaraan was je trouw en ontrouw? Waarvoor of voor wie was je moedig genoeg of te laf? Dat zijn de vragen. En een mens geeft antwoord naar beste kunnen, eerlijk of leugenachtig; maar dat is niet zo belangrijk. Wat wel belangrijk is, is dat hij uiteindelijk met zijn hele leven antwoordt.
β
β
Erwin Mortier (Godenslaap)
β
Het zou allemaal veel makkelijker zijn als ik een doel had, wat denk jij? Een vraagje: heb jij wΓ©l een doel in je leven?'
Albrecht dacht na. Had hij in deze verwarrende tijd al zijn eigen plaats gevonden, had hij, jong en gezond als hij was, een helder doel voor ogen? Nee, hij liep maar wat rond en dacht hoogstens aan de volgende dag, hoe hij geld kon verdienen en kon leven en niemand tot last was, meer niet, iets groots zag hij niet gebeuren. Hij stond hoogstens af en toe stil in zijn gejaagde leventje om even op adem te komen, dan maakte hij zich los uit zijn dagelijkse routine en was hij een paar dagen tot niets meer in staat en lag hij als een dode op bed, ongestoord. Dat duurde maar kort en dan was hij weer de oude.
β
β
Hans Keilson (Life Goes On)
β
Kunst kent geen compromissen. Kunst moet. En als je niet moet, als je twijfelt, bijvoorbeeld omdat er weinig respons is: onmiddelijk stoppen met die flauwekul. Je moet, als het goed is, van jezelf. Van niemand anders.
Je kunt met kunst niet schipperen. Het is alles of niets. Leuk is anders, maar je wou toch zo graag?
Je moet net zo lang doorgaan tot ze om je producten komen smeken. En als dat niet het geval is, nou, dan maar niet. Jij moest zo nodig, je hebt in je leven gedaan wat je wou, wat wil je nog meer.
β
β
Armando (Berlijn)
β
Hij was overigens een van die mensen die hun eigen leven graag bijwonen, en elke ambitie om het te leven oneigenlijk achten. Het zij opgemerkt dat dat soort mensen naar hun lot kijkt op de manier waarop de meesten gewoonlijk naar een regenachtige dag kijken.
β
β
Alessandro Baricco (Silk)
β
Wat zouden we beginnen als we wisten wat ons te wachten stond? Niet veel meer, ben ik bang. Konden we ons leven bekijken zoals de goden het zien, van begin tot eind alles overzichtelijk in een oogopslag, dan konden we de stommiteit van bepaalde beslissingen van tevoren inzien. De zinloosheid van ons verzet en al ons vechten zou ons de lust ontnemen wat voor strijd dan ook nog aan te gaan. We zouden geen doodlopend pad meer inslaan en onze weg zonder verder avontuur afsukkelen, rechtstreeks naar het eind dat we onderhand kunnen dromen. Geluk zou ons niet meer kunnen verrassen. In plaats daarvan zouden we gaan zitten wachten, angstig en lamgeslagen, op alle dreunen van het lot, die we van verre zien aankomen. Er zouden geen risico's meer bestaan. Geen spijt. Kortom, het zou er niet veel meer toe doen of wij waken of slapen. Je zou het leven nauwelijks nog kunnen onderscheiden van de dood.
Ik vraag me af waar meer durf voor nodig is, doorleven met een lot dat je kent of aanmodderen zonder enig idee van wat je staat te gebeuren.
β
β
Arthur Japin (Vaslav)
β
je kunt alles doorstaan zei Phoebe, zelfs als het vertrouwen geschonden is, als het maar eerlijk wordt bekend. je wordt dan levenspartners op een andere manier, maar je kunt nog wel partners blijven. maar liegen- liegen is een goedkope manier van macht uitoefenen over de ander. wie liegt, kijkt toe terwijl de ander handelt op basis van onvolledige informatie- met andere woorden zichzelf vernedert. ... het is toch eeuwig hetzelfde verhaal. de man verliest de hartstocht voor de huwelikspartner, zonder dat kan hij niet leven. de vrouw is pragmatisch. de vrouw is realistisch. zeker de hartstocht is geluwd, maar zij is tevreden met de lichamelijke genegenheid, gewoon samen met hem in bed liggen, hij in haar armen, zij in de zijne. maar voor hem is dat niet genoeg. hij is een man die niet zonder leven kan
β
β
Philip Roth (Everyman (Vintage International))
β
Wat zou JosΓ© Saramago over Carlos zeggen?
Dit.
'Mensen als deze heb je overal, ze besteden hun tijd, of de tijd die er in hun ogen naast het leven voor rest, aan het verzamelen van postzegels, munten, medailles, vazen, ansichtkaarten, luciferdoosjes, boeken, horloges, sportshirts, handtekeningen, stenen, kleien beeldjes, lege frisblikjes, engeltjes, cactussen, libretto's, aanstekers, vulpennen, uilen, speeldozen, flessen, bonsais, schilderijen, bierglazen, pijpen, kristallen obelisken, porseleinen eenden, antiek speelgoed of carnavalsmaskers, en dat doen ze vermoedelijk uit iets watje metafysische angst zou kunnen noemen, omdat het idee van de chaos als alleenheerser over hetΒ heelal onverdraaglijk voor hen is, misschien proberen ze daarom met hun bescheiden vermogens en zonder goddelijke hulp enige orde te scheppen in de wereld, waar ze voor korte tijd nog in slagen ook, maar alleen zolang ze hun verzameling in stand kunnen houden, want op de dag dat daar de klad in komt, en die dag komt altijd, hetzij door de dood, hetzij doordat de verzamelaar er genoeg van heeft, is alles terug bij af, loopt alles weer door elkaar.'Β
β
β
Dimitri Verhulst (Dinsdagland: Schetsen van BelgiΓ«)
β
Stiekem hoop ik nog steeds op antwoord, op iets van buitenaf, iets dat me verandert in iemand die in staat is om zonder twijfels deze keuze te kunnen maken. Dat iets, dat is de ultieme initiatie. Van u verwacht ik het ook. Maar het is slap en onzinnig. Deze gebeurtenis zal nooit plaatsvinden
β
β
Connie Palmen (De wetten)
β
When the sea is calm, the landscape (seascape) seems simple and even monotonous, sometimes with a distant, sometimes with a close coastline, but usually with no land in sight at all. You feel 'free', not only free of care, but also free of the solidity of the earth's crust. It is a wonderful sensation, feeling the liquidity of the water under the ship. This salutary freedom is constantly present, on deck by day, in bed at nights. The movements of the ship vary from a gentle rocking to swinging and hurtling; you are never motionless while at sea. Then you start to observe and assimilate all these natural phenomena surrounding you: the infinite variety of the waves and the swell of the sea, and for the first time in ages you look again at the heavenly bodies, the sun, the moon and the stars, and you see the living creatures in and over the sea, the fish and the birds.
β
β
M.C. Escher (Leven en werk van M.C. Escher : het levensverhaal van de graficus : met een volledig geΓ―llustreerde catalogus van zijn werk)
β
Als je leven zΓ³ ondraaglijk is, als de pijn in je lichaam of in je geest onhoudbaar is, als je oprecht niet meer weet hoe je de dag door moet komen en als de dood een verlossing is, dan moet je daarvoor kunnen kiezen. En dan moet je daarbij geholpen worden. Want mensen die dood willen, gaan uiteindelijk dood. Of we ze nu helpen of niet. Het rekken van andermans leven omdat jij zijn of haar dood niet kunt accepteren vanwege je ideologie of wat dan ook; dat is egoΓ―stisch. Dat is arrogant. Mensen mogen zelf bepalen of ze een kind maken, ze mogen ook zelf bepalen of ze dood willen. Het leven is geen verplichting.
β
β
Marcel Langedijk (Gelukkig hebben we de foto's nog)
β
Het lijkt of er nooit kinderen waren die zonder mij met elkaar speelden, of ik nooit zonder vrienden en vriendinnen ben geweest of dat het, als het wel zo was, in wezen niet belangrijk isβkleine golven in oppervlaktewaterβmaar onder die golven is een bestendige, onverbiddelijke kalmte aanwezig die soms boven alles uitstijgt als de eerste geur van herfst in de lucht is, als de eerste merels op donkere avonden in de vroege lente roepen, als bij het ontwaken de eerste, nog ongerept gebleven sneeuw gevallen blijkt te zijn. Slechts dan een kort ogenblik de illusie te begrijpen wat leven is, een vluchtig begrip waarvoor woorden ontbreken.
β
β
Maarten 't Hart (Een vlucht regenwulpen)
β
Stelen is het ergste dat je kan doen. Als je iemand vermoordt, steel je een leven. Je steelt het recht van zijn vrouw op een echtgenoot en berooft zijn kinderen van een vader. Als je een leugen vertelt, steel je iemands recht op de waarheid. Als je iemand bedriegt, steel je zijn recht op een gelijkwaardige behandeling.
β
β
Khaled Hosseini (The Kite Runner)
β
Ik geloof niet in helden, tenzij ze zich verpleegster noemen. Zij kennen de keerzijde van het krijgshaftige gebalk over 'respect voor elke vonk van leven'. Zij weten wat dat betekent in de praktijk. Zij helpen de onmachtigen en de dementen hun vernederingen van alledag te doorstaan, van voeding tot ontlasting. Het zijn de zaken waar men liever over zwijgt, van politicus tot prelaat. Het potsierlijk gemorste lopend voedsel, de drinkbeker voor kleuters in de handen van een huilende negentigjarige, de onbehandelbare pijnen, de stoma's, de urinezakjes hangend aan een kapstok naast het bed dat je niet meer verlaat, de nooit eindigende tragikomedie van de ontlasting. Dat ganse bittere repertoire van kots en kak.
β
β
Tom Lanoye (Sprakeloos)
β
Deze cultuur heeft zijn groot tekort, de cultuur waarin wij leven. Een cultuur die wezenlijk de dood ontkent. Die de dood wegstopt als iets onsmakelijks waar we niet over praten mogen, als iets obsceens. Als iemand gestorven is weten we niet wat we met hem doen moeten. Het wassen en in het doodskleed doen en waken en al die dingen laten we aan anderen over. Dat is niet gezond.
β
β
Gerard Reve
β
Als je mij vraagt zijn er drie belangrijke stadia in de geschiedenis van de mens. In het eerste kende hij zijn eigen spiegelbeeld niet, evenmin als een dier dat kent. Laat een kat in een spiegel kijken en hij denkt dat het een raam is waarachter een andere kat staat. Blaast ertegen, loopt er omheen. Op den duur is hij niet meer geΓ―nteresseerd; sommige katten tonen zelfs nooit enige belangstelling voor hun spiegelbeeld. Zo zijn de eerste mensen ook geweest. Honderd procent subjectief. Een βikβ dat zich vragen kon stellen over een 'zelfβ bestond niet. Tweede stadium: Narcissus ontdekt het spiegelbeeld. Niet Prometheus die het vuur ontdekte is de grootste geleerde van de Oudheid, maar Narcissus. Voor het eerst ziet 'ikβ zich 'zelfβ. Psychologie was in dit stadium een overbodige wetenschap, want de mens was voor zichzelf wat hij was, namelijk zijn spiegelbeeld. Hij kon ervan houden of niet, maar hij werd niet door zichzelf verraden. Ik en zelf waren symmetrisch, elkaars spiegelbeeld, meer niet. Wij liegen en het spiegelbeeld liegt met ons mee. Pas in het derde stadium hebben wij de genadeslag van de waarheid gekregen. Het derde stadium begint met de uitvinding van de fotografie. Hoe dikwijls gebeurt het dat er een pasfoto van ons gemaakt wordt waarvan wij evenveel houden als van ons spiegelbeeld? Hoogst zelden! Voordien, als iemand zijn portret liet schilderen en het beviel hem niet, kon hij de schuld aan de schilder geven. Maar de camera, weten wij, kan niet liegen. En zo kom je in de loop van de jaren, via talloze fotoβs, erachter dat je meestal niet jezelf bent, niet symmetrisch met jezelf, maar dat je het grootste deel van je leven in een aantal vreemde incarnaties bestaat voor welke je alle verantwoordelijkheid van de hand zou wijzen als je kon. De angst dat andere mensen hem zien zoals hij is op die fotoβs die hij niet kan endosseren, dat ze hem misschien nooit zien zoals het spiegelbeeld waarvan hij houdt, heeft de menselijke individu versplinterd tot een groep die uit een generaal plus een bende muitende soldaten bestaat. Een Ik dat iets wil zijn - en een aantal schijngestalten die het Ik onophoudelijk afvallen. Dat is het derde stadium: het voordien vrij zeldzame twijfelen aan zichzelf, laait op tot radeloosheid. De psychologie komt tot bloei.
β
β
Willem Frederik Hermans (Nooit meer slapen)
β
Mijn vrouw is ziek en dat verandert mijn leven drastisch. Ik beheers namelijk slechts drie keukenhuishoudelijkheden: ei bakken, thee zetten, brood bakken. Om thee te zetten breng ik water in een fluitketel aan de kook. Bij de fluittoon kookt het water en zet ik het gas af. Ik giet het water in een theepot waarin ik een theezakje heb gehangen. De theepot zet ik op een warmhoudplaatje. Als ik een ei ga bakken, zet ik een koekenpan op het vuur, doe er een scheut olijfolie in, wacht even op de hitte, tik het ei met een mes open en laat het in de pan vallen. Als het er als een glimmend tijdschriftplaatje uitziet, leg ik het op een boterham. Brood bak ik al vijfentwintig jaar dagelijks. Dat komt omdat ik een Hobart bezit, een professionele, ontilbare deegkneedmachine. Ik doe een beetje lauw water in een kannetje waarin ik een klontje gist laat vallen en een schepje suiker. Daarna doe ik meel in de mengkom van de machine, en een eetlepel zout. Vervolgens roer ik het water-gist-suikermengsel en giet het op het meel. Dan zet ik de Hobart aan, die het karwei klaart. Terwijl ik naar het mechanisch kneden sta te kijken, denk ik aan de merkwaardige uitdrukking 'het karwei klaren' en neem me voor het etymologisch woordenboek te raadplegen, want ik wil nu eindelijk wel eens weten wat het woord 'klaren' betekent. Dat stel ik dan uit tot de volgende dag, zodat ik al vijfentwintig jaar onwetend op deze drempel sta. Als de Hobart klaar is, doe ik het brood in vormen die ik ingevet heb met alweer olijfolie. Daarna laat ik ze een uurtje rijzen en bak ik ze in de gasoven.
β
β
A.L. Snijders (De taal is een hond)
β
Fredkin [...] praat over een interessant kenmerk van computerprogramma's, waaronder cellulaire automaten: er is geen kortere route mogelijk naar wat de uitkomst wordt. Dit is het wezenlijke verschil tussen de 'analytische' benadering van de traditionele wiskunde, inclusief differentiΓ«le vergelijkingen, en de 'computer'-benadering met algoritmes. Je kunt een toekomstige toestand van een systeem voorspellen zonder alle tussenstappen te kennen als je de analytische methode gebruikt. Maar bij cellulaire automaten moet je alle tussenstappen doorrekenen om te weten hoe de uitkomst zal zijn: je kunt de toekomst niet voorspellen, behalve door de toekomst af te wachten. [...] Fredkin legt uit: 'je kunt het antwoord op een vraag niet sneller kennen dan wanneer je volgt wat er gebeurt.' [...] Fredkin gelooft dat het universum letterlijk een computer is en dat het gebruikt wordt door iets of iemand om een probleem op te lossen. Het klinkt als een grap met goed en slecht nieuws: het goede nieuws is dat onze levens een doel hebben; het slechte nieuws is dat onze levens het doel zijn van een of andere hacker ver weg die pi wil uitrekenen met een oneindig groot getal achter de komma.
β
β
Ray Kurzweil (The Singularity is Near: When Humans Transcend Biology)
β
Het was als met een verhaal. Als met een boek. Wat is het dat wij van een boek verlangen? Dat iemand een ontwikkeling doormaakt - dat hij tot inzicht komt? Maar stel dat die ontwikkeling en dat inzicht er niet zijn? Dat staat in wezen toch ook veel dichter bij de werkelijkheid? Mensen die in hun leven een ontwikkeling doormaken zijn op de vingers van één hand te tellen. Om over inzicht nog maar te zwijgen. Nee, de werkelijkheid is dat wij altijd dezelfde blijven. We zien een film in de bioscoop en besluiten een ander leven te gaan leiden, maar de volgende dag zijn we dat alweer vergeten. We nemen ons voor om aardiger te zijn, om aandachtiger te luisteren. Dat houden we een halve dag vol. Daarna snauwen we weer als vanouds - het snauwen is dat ene afgedragen jasje dat ons het best past.
β
β
Herman Koch (Geachte heer M.)
β
Mijn hele leven heb ik gezocht naar verwantschap, mezelf dikwijls genoeg wijsgemaakt dat er van zulk een verwantschap sprake was, terwijl die er nooit, met geen enkel ander mens, of andere groep van mensen, geweest is, en er ook nooit zal zijn. Met kollegaas kan ik geen zinnig woord wisselen, en met het soort mensen dat men gevoelsgenoten pleegt te noemen is het nog erger - hoogmoet of Selbsthaà spelen hierbij een geringe rol, geloof ik - want in hun gezelschap voel ik mij zelfs eenzamer dan wanneer ik alleen ben, niet omdat ze zijn zoals ze zijn, maar juist omdat ze maar gedeeltelijk zijn zoals ze zijn en bijna allen, zonder uitzondering, de Moed missen zich in te zetten voor datgene, dat zij beweren lief te hebben, alsook de moed om te vechten en er op los te rammen als het er op aankomst, inplaats van die anonimiteit te prefereren waarbij men doet of men tot een onderwereld behoort die zo spoedig mogelijk zou moeten worden uitgeroeid; wat een ellende, dat zonder geslachtsnaam zich voorstellen als 'Rudi' of 'Eddie', dat eeuwige geteem over de snit van een broer en 'waar heb je dat gekocht' en nooit, nooit, godverdomme, één verstandig woord, of desnoods een onverstandig woord, over kunst, politiek, ethiek, religie.
β
β
Gerard Reve (Op weg naar het einde)
β
De huidige kennis van de neurobiologie maakt duidelijk dat van een volledige vrijheid geen sprake kan zijn. Vele erfelijke factoren en omgevingsinvloeden tijdens de vroege ontwikkeling hebben door hun inwerking op onze hersenontwikkeling de structuur en zo de functie van de hersenen voor de rest van ons leven vastgelegd. Hierdoor hebben wij niet alleen allerlei mogelijkheden en talenten, maar ook vele beperkingen meegekregen, zoals de aangeboren basis voor de kans op verslaving, de mate van agressie, onze genderidentiteit, seksuele oriΓ«ntatie en de aanleg voor ADHD, borderline-persoonlijkheidsstoornis, depressie en schizofrenie. Dit maakt duidelijk dat ons gedrag bij de geboorte al in belangrijke mate vastligt. Deze opvatting, die lijnrecht staat tegenover het maakbaarheidsgeloof van de jaren zestig, wordt ook wel βneurocalvinismeβ genoemd.
β
β
Dick Swaab (Wij zijn ons brein (Dutch Edition))
β
Het centrale proustiaanse besef bestond eruit dat niets in de psychologie van de mens eenvoudig is en dat er geen misleidender gedrag bestaan dan dat wat voor de hand liggend lijkt. Niet alleen draagt iedereen een masker, maar mensen hebben ook verschillende maskers, een hele garderobe vol, voor verschillende gelegenheden. Het leven is een gemaskerd bal waar alle deelnemers met een grote koffer vol maskers naartoe komen voor elke ontmoeting een ander exemplaar opzetten.
Mensen begrijpen wordt nog verder bemoeilijkt door het feit dat alle kennis over anderen relatief is en volledig afhangt van de waarnemer (wat dat betreft zat Proust op één lijn met de moderne fysica). Er kan geen onbevooroordeeld, goddelijk begrip zijn, want de waarnemer oefent altijd invloed uit op de geobserveerde. Een ander probleem is dat de geobserveerde een bewegend doelwit is: mensen veranderen voortdurend, maar op subtiele manieren die moeilijk waarneembaar en nog moeilijker te beschrijven zijn. Een van de lastigste opgaven voor een romanschrijver is om het karakter weer te geven als een proces, als een voortdurend op onvoorspelbare manieren veranderende entiteit die tegelijk, paradoxaal genoeg, in essentie hetzelfde blijft. [...]
Het sociale leven is dus een ingewikkeld rollenspel tussen wat mensen eigenlijk zijn, wat ze zelf denken te zijn, hoe graag door anderen gezien willen worden en wat anderen feitelijk zien. Het komt maar zelden voor dat deze percepties met elkaar overeenkomen. Mensen veranderen ook voortdurend, maar zijn zich daar overwegend niet van bewust omdat ze zodanig door het rollenspel in beslag worden genomen dat ze geen ruimte hebben om nog iets anders dan hun eigen optreden te zien - en dus zijn de mogelijkheden voor misverstanden en conflicten schier eindeloos.
β
β
Michael Foley (Lang leve het gewone. De lessen van het alledaagse leven.)
β
Op de gang staat nog altijd zijn ex te wachten.
'Je bent er nog?' vraagt hij.
'Je ruikt naar rook,' fluistert ze als hij stilstaat om haar een tweede keer te begroeten en meteen ook een tweede keer afscheid van haar te nemen. Hij had bijna haar hand willen pakken om alles nog eens over te doen. 'Je zou ermee stoppen.'
'Waarom fluister je? Ik ben psychiater, wij roken omdat we anders gek zouden worden en omdat we op die manier tenminste nog één ding gemeen hebben met de meeste patiënten: de sigaret.'
'Ik fluister omdat ik je niet wil beschamen. Altijd dezelfde frasen, dezelfde excuses. Hoe kun je mensen weerhouden van zelfdestructie als je er zelf mee bezig bent?'
'Dat is een paradox,' zegt Kadoke. 'Gezondheid, geestelijke gezondheid houdt in dat je die paradoxen leert aanvaarden, dat je ermee leert leven, met het onvolmaakte, ja degene die jou komt weerhouden van zelfdestructie rookt, is dat nou zo erg?
β
β
Arnon Grunberg (Moedervlekken)
β
We zijn zeventien, achttien, negentien, halfgaar uit de mallen van onze respectievelijke gezinnen gerold en nu, zonder die behuizing, zonder die vaste vorm, lijkt het alsof we uitvloeien. We zoeken naar een leven dat bij ons gaat passen. Een karakter, een imago, een stijl, een doel misschien of anders in elk geval een typische eigenschap of opvallend taalgebruik. Iedereen kan niet wachten de eerste stappen te zetten en tegelijkertijd jaagt het ons allemaal grote angst aan.
β
β
Sacha Bronwasser
β
Voor verslavingen moet je geen excuses zoeken, maar motieven. Excuses zoek je om geen spijt en schuld te hoeven voelen, maar een speurtocht naar jouw eigen motieven leidt je juist naar het hart van je schuld en daar, op die rare plek waar het duister is van onbegrip, pijn en ontkenning, daar ligt het enige terrein waar je de mogelijkheid geboden wordt om je schuld te veranderen in kennis. Met kennis valt te leven, met schuld niet.
De meeste mensen geloven dat dat halfzachte spreekwoord, wat niet weet, wat niet deert, dat dat ook voor jezelf opgaat, maar zo werkt het niet. Wat je over iemand anders niet weet, dat weet je niet en zolang je het niet weet kan het je ook geen pijn doen, dat is zo klaar als een klontje, maar je weet in zekere zin alles van jezelf. Dat is ook logisch, want jij bent de enige die zijn eigen leven helemaal in zijn eentje meemaakt en daar weet van zou kunnen hebben. Bij jou ligt iedere minuut van een leven opgeslagen, hoe dan ook. Bij wie anders? Dat maakt mensen op zijn minst nog interessant, dat ze een vat van wetenschap vormen van tenminste een leven, hun eigen.
Waar het nu eigenlijk allemaal om draait is de manier waarop je weet hebt van jezelf, dat is het belangrijkste. Sommige mensen weten niks van zichzelf. Ze hebben de enige echte wetenschap en geschiedenis niet tot hun beschikking en kunnen ze niet lezen, omdat ze die op de foute plek bewaren.
Schuld is zoβn wetenschap over jezelf die op de verkeerde plaats in je archief is opgeslagen. Ze is dan geen kennis van de schuld, maar ze heeft de vorm aangenomen van iets anders dan woorden, waardoor je er niks mee kunt en er alleen maar dik van wordt, of chagrijnig of lusteloos.
Kennis hoort thuis in de geest, waar anders? Ik zou niet weten waar de woorden anders konden verblijven dan in de geest. Ze lijken op geest en op ziel en op dat andere ontastbare, waarvan je weet dat je het hebt, maar dat je niet kunt zien en waarover je bijna niet kunt praten.
Zo zie ik het.
En daarom krijgt ook alle kennis die je eigenlijk over jezelf zou moeten hebben en die niet in die onzichtbare vorm van woorden in jouw ziel mag wonen, een andere gedaante, een zichtbare en een lastige, bijvoorbeeld een kilo overtollig vlees aan je lichaam of iets anders waaronder je lijdt en wat je met je meesleept en waarvan je niet weet waarom je het hebt, maar wat iedereen aan jou kan zien, omdat het ervoor zorgt dat je altijd dezelfde domme fouten maakt.
β
β
Connie Palmen (De vriendschap)
β
Welk pad je ook kiest, probeer tijdens je reis altijd de beste versie van jezelf te zijn, want je weet niet of de dag van morgen zonneschijn of regen zal brengen. Geniet van het gezelschap van je dierbaren en houd degenen die er niet meer zijn in leven door hen te herinneren, door over hen te spreken. We schrijven allemaal geschiedenis, hoe klein onze daden ook zijn, maar uiteindelijk draait het allemaal om liefde en vrede. Dus wees voorzichtig met wie je jezelf omringt en wie je kiest te zijn.
β
β
Beau Charlotte (Als ik er niet meer ben)
β
ZΓ² ongeveer moet een vulkaan zich voelen als zijn hele binnenste in brand staat doordat de vurige lava ineens zin heeft gekregen om zich een weg naar buiten te banen. Een hele stoet uitschot met gloeiende fakkels en sikkels, ziedend slijk en kokend pek, werkt zich omhoog naar de keel. Deze keel is hiervoor nog veel te klein en begint dadelijk om hulp te schreeuwen. Niet de besmeurde lakens en dekens, niet het bezwete lichaam, niet de kletsnatte nachtpon, niet de zure lucht die nog dagen in de kamer zal hangen, niet de brandende slokdarm, niet de opengereten keel, niet de kleverige handen, niet het plakkende haar, niet de ondergespatte wekker, niet de vreemdsoortige, bonte plak op het Perzische tapijt vervullen haar met ontzetting. Het zijn Pappa en de moeder die met onverholen verbijstering en afkeer staan te staren naar de scherven die recht uit het stinkende braaksel omhoogsteken. Pappa die zegt: 'Dit heb ik mijn hele leven nog niet gezien', en de moeder die zegt: 'Wie gaat dit opruimen?
β
β
Charlotte Mutsaers (De markiezin)
β
Is er geen dageraad meer? Leef ik nog?
Zijn de grenzen van het heelal verzet?
De duisternis is over de aarde gestort en er is geen nacht.
Mijn ziel is koud van angst en versteend ziet zij hoe het bestaan zelf veranderd werd in een chaos, elke orde werd verstrooid.
Wij worden opgeslorpt door het vormloze donker.
Geen maan meer. De zee, de aarde, de sterren, zijn opgeslokt,
alle sterrenbeelden zijn verzonken in het onmetelijke niets,
de hagedissen hebben zich gesplitst, de zwanen zijn verdronken,
de slangen zijn gebarsten, de hemelse draak is in een ijsklomp versteend.
Is dit nu het ogenblik?
Zijn wij het, die na alle generaties op aarde, verdiend hebben te vergaan? Verdiend hebben verpletterd te worden
onder de val van de hemel?
Is dit de laatste dag van het laatste jaar van de wereld?
Wij zijn verwerkt door een bitter noodlot, wij hebben de zon verloren,
neen, wij hebben de zon verjaagd!
Ik klaag niet meer. Angst moet men een muilband aan doen,
waarom nog begerig zijn om te leven,
als de wereld sterft met ons?
β
β
Hugo Claus (Thyestes naar Seneca)
β
Ze had heel Duitsland doorkruist en scheerde alle Duitsers over één kam: het waren louter kleine handelaars, ambachtslieden, kooplui, stokstijve officieren met soldateske gelaatstrekken en ambtenaartjes met alledaagse gezichten, die allen korte pijpjes rookten, tussen hun tanden door spuwden en alleen geschikt waren voor zware arbeid, moeizaam sloven om geld te verdienen, voor banale orde en regelmaat, een saai georganiseerd leven en pedante plichtsbetrachting: burgermensen met onbehouwen manieren, grote, grove handen, een burgerlijk frisse gelaatskleur en een ruwe manier van spreken.
β
β
Ivan Goncharov
β
(...) in de perioden van mijn leven waarin ik niet verliefd was en het wel graag wilde zijn, zat er namelijk in mijn hoofd niet alleen een fysiek schoonheidsideaal, (...) maar ook de geestelijke schim -altijd klaar om te worden belichaamd- van de vrouw die verliefd op me zou worden en mijn tegenspeelster zou willen zijn in de romantische komedie die al sinds mijn kinderjaren kant en klaar in mijn hoofd stond geschreven, (...). Van dat toneelstuk stonden het scenario, de verwikkelingen en zelfs de tekst helemaal vast, afgezien van de nieuwe 'ster' die ik opriep om er de rol in te creΓ«ren of over te nemen.
β
β
Marcel Proust (In the Shadow of Young Girls in Flower)
β
Je kan gewoon zitten tobben en je eigen gek maken en tenslotte je eigen ophangen en je kan ook je tobben een beetje in een vorm zetten, schrijven, er geld voor krijgen, je eigen in leven houden, niet afhankelijk zijn van andere mensen en onopgemerkt, in onopvallende kledij rondlopen en door iedereen met rust gelaten worden, dat is prachtig. Met al je zenuwen en al je gevoeligheid. Want er zijn er tienduizenden en honderdduizenden die zoals ik rondmarcheren en die leggen zich toevallig niet op het schrijven toe en kunnen niet schrijven. En dat is een stuk lastiger. Want ze moeten door anderen in leven gehouden worden of ze moeten zich schikken op een kantoor.
β
β
Gerard Reve
β
Pijn had zij niet, dat is waar, een troostende gedachte kan ik het maar nauwelijks noemen. Uitgerekend zij moest eerst haar spraak verliezen. Uitgerekend zij moest nu haar leven verliezen bij gebrek aan eten.
Was het twee jaar te laat? (βLaat dat toch gaan. Laat dat oud menske gaan.β) Ik weet het nog steeds niet. Ik had de mooie momenten niet graag gemist. Maar nog liever had ik, met terugwerkende kracht, de gruwelijke uren en dagen uitgewist. In de eerste plaats voor haar. Nooit heb ik haar, naar mijn gevoel, meer verknochtheid en respect bewezen dan toen we haar eindelijk toelieten te gaan. Een mens staat maar bij één persoon echt in het krijt. Ik heb die lei toen schoongewreven. Misschien kan liefde maar één ding echt. Uit liefde doden.
β
β
Tom Lanoye (Sprakeloos)
β
In Nederland wil ik niet leven,
Men moet er steeds zijn lusten reven,
Ter wille van de goede buren,
Die gretig door elk gaatje gluren.
'k Ga liever leven in de steppen,
Waar men geen last heeft van zijn naasten:
Om βt krijschen van mijn lust zal zich geen reiger reppen,
Geen vos zijn tred verhaasten.
In Nederland wil ik niet sterven,
En in de natte grond bederven
Waarop men nimmer heeft geleefd.
Dan blijf ik liever hunkrend zwerven
En kom terecht bij de nomaden.
Mijn landgenooten smaden mij: "Hij is mislukt."
Ja, dat ik hen niet meer kon schaden,
Heeft mij in vrijheid nog te vaak bedrukt.
In Nederland wil ik niet leven,
Men moet er altijd naar iets streven,
Om βt welzijn van zijn medemenschen denken.
In het geniep slechts mag men krenken,
Maar niet een facie ranslen dat het knalt,
Alleen omdat die trek mij niet bevalt.
Iemand mishandlen zonder reden
Getuigt van tuchtelooze zeden.
Ik wil niet in die smalle huizen wonen,
Die leelijkheid in steden en in dorpen
Bij duizendtallen heeft geworpen...
Daar loopen allen met een stijve boord
- Uit stijlgevoel niet, om te toonen
Dat men wel weet hoe het behoort -
Des Zondags om elkaar te groeten
De straten door in zwarte stoeten.
In Nederland wil ik niet blijven,
Ik zou dichtgroeien en verstijven.
Het gaat mij daar te kalm, te deftig,
Men spreekt er langzaam, wordt nooit heftig,
En danst nooit op het slappe koord.
Wel worden weerloozen gekweld,
Nooit wordt zoo'n plompe boerenkop gesneld,
En nooit, neen nooit gebeurt een mooie passiemoord.
β
β
J. Slauerhoff
β
Iedereen ontdekt vroeg of minder vroeg in zijn leven dat het volmaakte geluk onbereikbaar is, maar weinigen staan stil bij de tegenovergestelde gedachte: dat hetzelfde geldt voor het volmaakte ongeluk. De krachten die zich tegen de verwezenlijking van die beide uitersten verzetten zijn van dezelfde aard: ze komen voort uit onze menselijke staat, die niets dat oneindig is verdraagt. Onze altijd onvoldoende kennis van de toekomst verzet zich ertegen, die we in het ene geval hoop noemen en in het andere ongewisheid over de dag van morgen; onze zekerheid van de dood, die aan elke vreugde, maar ook aan elk lijden een grens stelt; onze onvermijdelijke materiΓ«le zorgen, die een duurzaam geluk in de weg staan, maar ook aanhoudend onze aandacht afleiden van het ongeluk dat op ons drukt en ons besef daarvan fragmentarisch en daarmee draaglijk maken.
β
β
Primo Levi (If This is a Man)