Zwart Quotes

We've searched our database for all the quotes and captions related to Zwart. Here they are! All 87 of them:

β€œ
Kleur heb je nooit zelf, kleur krijg je door anderen.
”
”
Arthur Japin (De zwarte met het witte hart)
β€œ
Het zijn je ribben," zei ze en ze liet me een plaat zien met zwarte vlekken en zilverkleurige penen die gebroken waren. "Zie je wel?" zei ze. Ik keek haar in de ogen en dacht: het is mijn hart.
”
”
Peter Verhelst (Tonguecat)
β€œ
Wanneer er rondom niets te verwachten is, keer je naar binnen.
”
”
Arthur Japin (De zwarte met het witte hart)
β€œ
De meeste mensen beweren dat zwart geen kleur is. Zij hebben het mis. Zonder zwart heeft een kleur geen diepte. Er ontstaat pas schaduw als je het mengt met de kleuren om je heen. Je hebt zwart nodig om de wereld te kunnen zien, om je leven echt kleur te geven.
”
”
Pamela Sharon (De geur van groen)
β€œ
Als de hemel donker wordt met zwarte donderwolken, de grote bomen zwaaien in de wind, de pauwen zingen, hunker ik ernaar terug te rennen naar Gir.
”
”
David Quammen (Monster van God)
β€œ
De combinatie geel en zwart, godbetert, smaaklozer kan je 't niet bedenken. [...] Bidden wij dus voor alle ouders van een zoontje dat supporteert voor NAC Breda of SK Lierse en zulks kenbaar wil maken via het behangpapier op zijn kamer, zijn kaften, zijn jassen en zijn sjaals. Kleurterreur die z'n sporen moet nalaten op het brein en waar de schoolresultaten van het ventje uiteindelijk bijzonder onder gaan lijden.
”
”
Dimitri Verhulst (Essay over het toegewijde bestaan als supporter van voetbalclub Standard de Liège)
β€œ
Conversely, the red plant itself burns a brighter red when set off by the green than when it grows among its peers. In the bed I always reserved for poinsettia seedlings, there was little to distinguish one plant from its neighbours. My poinsettia did not turn scarlet until I planted it in new surroundings. Colour is not something one has, colour is bestowed on one by others.
”
”
Arthur Japin (De zwarte met het witte hart)
β€œ
Jouw pak lijkt precies op dat van mij. Kenji fronst zijn voorhoofd. " Ik hoor degene met het zwarte pak te zijn. Waarom heb jij geen roze ? Of geel ? " " Omdat we niet de Power Rangers zijn, duh " verzucht Winston. " Wat is een Power Ranger nou weer ? " vraagt Kenji meteen.
”
”
Tahereh Mafi
β€œ
Weet je wat ik zo bevrijdend vind? Antwoorden kunnen β€˜een beetje juist’ zijn. Ik heb ontdekt dat ik dat best wel leuk vind. Ik wil mijn hele leven een beetje juist zijn. Niet te veel, gewoon een beetje. De wereld in de literatuur is grijs. En dat is goed, want ik heb jarenlang in zwart-wit geleefd. Grijs is prachtig.
”
”
Zita Theunynck (Het wordt spectaculair. Beloofd.)
β€œ
Ik zit op den berg en kijk in het dal der plichten. Dat is dor, er is geen water, het dal is zonder bloemen en boomen. Er loopen veel menschen door elkaar. De meesten zijn wanstaltig en verwelkt en kijken voortdurend naar den grond. Na eenigen tijd sterven zij allen, toch zie ik niet dat hun aantal mindert, het dal ziet er steeds eender uit. Verdienen zijn beter? Ik rek mij uit en kijk op langs mijn armen naar de blauwe lucht. Ik sta in het dal op een pleintje van zwarte sintels, bij een kleine stapel afbraakplanken en een onbruikbare waschketel. En ik kijk en zie mezelf zitten, daar boven, en ik jank als een hond in de nacht.
”
”
Nescio (Boven het dal)
β€œ
Niemand offert zijn toekomst, als hij niet hoopt zijn eigen ziel ermee te redden.
”
”
Arthur Japin (De zwarte met het witte hart)
β€œ
Leven met hoop is β€˜s avonds opstappen naar het oosten toe, de nacht heel zwart tegemoet; omdat je zeker bent dat je door de nacht het licht in het oosten opnieuw zult ontmoeten. Leven met hoop is de ondergaande zon niet achterna lopen uit vrees het licht te verliezen, maar in zichzelf zoveel licht bezitten dat de donkerste nacht de bode van de nieuwe morgen wordt.
”
”
Wim
β€œ
Niets is alleen maar zwart of alleen maar wit. En niemand is alleen maar goed of alleen maar slecht. Dat gold ook voor mijn ontvoerder. Dat zijn uitspraken die men een slachtoffer van ontvoering niet graag hoort doen, omdat daarmee het vaste beeld van goed en kwaad wordt verstoord. Een beeld waar iedereen maar al te graag in gelooft om in een wereld vol grijstinten het houvast niet te verliezen.
”
”
Natascha Kampusch (3,096 Days)
β€œ
Nu echter weet ik wat ik mis. Ik weet: mijn uren zouden van elkaar te onderscheiden moeten zijn. Ik kan ze nergens aan meten. Er is geen schaal. Geen enkel voorval markeert mijn tijd. Ik verstrijk dus tegenwoordig zelf.
”
”
Arthur Japin (De zwarte met het witte hart)
β€œ
In Nederland wil ik niet leven, Men moet er steeds zijn lusten reven, Ter wille van de goede buren, Die gretig door elk gaatje gluren. 'k Ga liever leven in de steppen, Waar men geen last heeft van zijn naasten: Om β€˜t krijschen van mijn lust zal zich geen reiger reppen, Geen vos zijn tred verhaasten. In Nederland wil ik niet sterven, En in de natte grond bederven Waarop men nimmer heeft geleefd. Dan blijf ik liever hunkrend zwerven En kom terecht bij de nomaden. Mijn landgenooten smaden mij: "Hij is mislukt." Ja, dat ik hen niet meer kon schaden, Heeft mij in vrijheid nog te vaak bedrukt. In Nederland wil ik niet leven, Men moet er altijd naar iets streven, Om β€˜t welzijn van zijn medemenschen denken. In het geniep slechts mag men krenken, Maar niet een facie ranslen dat het knalt, Alleen omdat die trek mij niet bevalt. Iemand mishandlen zonder reden Getuigt van tuchtelooze zeden. Ik wil niet in die smalle huizen wonen, Die leelijkheid in steden en in dorpen Bij duizendtallen heeft geworpen... Daar loopen allen met een stijve boord - Uit stijlgevoel niet, om te toonen Dat men wel weet hoe het behoort - Des Zondags om elkaar te groeten De straten door in zwarte stoeten. In Nederland wil ik niet blijven, Ik zou dichtgroeien en verstijven. Het gaat mij daar te kalm, te deftig, Men spreekt er langzaam, wordt nooit heftig, En danst nooit op het slappe koord. Wel worden weerloozen gekweld, Nooit wordt zoo'n plompe boerenkop gesneld, En nooit, neen nooit gebeurt een mooie passiemoord.
”
”
J. Slauerhoff (Verzamelde Gedichten)
β€œ
Wandaden zoals mijn ontvoering bieden de zwart-witte basis voor de categorieΓ«n 'goed' en 'kwaad' waaraan de samenleving behoefte heeft. De dader moet wel een beest zijn, want als we dat geloven, zijn we zelf goed. Een misdrijf moet worden opgetuigd met sadomasochistische fantasieΓ«n en wilde orgieΓ«n, net zolang totdat het zo ver van ons af staat dat er geen enkel verband met ons eigen leven is. En het slachtoffer moet gebroken zijn en dat ook blijven, anders is het kwaad niet meer op die manier op afstand te houden. Een slachtoffer dat weigert zich in die rol te schikken wordt een symbool van de tegenstellingen van de maatschappij. Die willen we niet zien, want dan zouden we gedwongen zijn over onszelf na te denken.
”
”
Natascha Kampusch
β€œ
Op de vijfendertigste verjaardag van mijn vader, 26 oktober 1925, ben ik geboren. 's Ochtends om kwart over zes. Mijn vader heef tnog steeds het psalmboek dat hij op die dag als verjaardagsgeschenk kreeg. Het zwarte linnen is een beetje afgesleten aan de hoeken zodat daar het karton zichtbaar is. Maar verder ziet het er nog keurig uit. Mijn vader zei wel eens als hij zijn handen er strelend over liet gaan, dat het een mooi cadeau was, maar dat Γ­k het liefste cadeau was dat hij op die dag kreeg. Later, toen ik het geloof de rug toedraaide, herreip hij dat min of meer. Toen zei hij, de bijbel citerend, dat het beter was dat ik niet geboren ware, of dat een molensteen om mijn hals gehangen en ik in het diepste der zee verdronken ware.
”
”
Jan Wolkers
β€œ
Je kunt een depressie op verschillende manieren proberen weg te werken. Je kunt naar Bachs orgelwerken luisteren in de Kerk van onze Verlosser. Je kunt een streep superhumeur in poedervorm op een zakspiegel leggen met een scheermes, en dat innemen met een rietje. Je kunt om hulp roepen. Bijvoorbeeld via de telefoon, zodat je zeker weet wie het hoort. Dat is de Europese manier. De hoop dat je al handelend je problemen oplost. Ik kies voor de Groenlandse manier. Die komt erop neer dat je afdaalt in het sombere humeur. Dat je je nederlaag onder de microscoop legt en je eraan te goed doet. Als het echt helemaal mis is - zoals nu -, dan zie ik een zwarte tunnel voor me. Daar ga ik naar toe. Ik leg mijn nette kleren weg, mijn ondergoed, mijn veiligheidshelm en mijn Deense paspoort, en dan ga ik de duisternis in.
”
”
Peter HΓΈeg (Smilla's Sense of Snow)
β€œ
Het was eruit voor hij het wist: 'Hoe komt dat toch dat negers zo'n lange hebben?' De neger, die trouwens So heette, want ze hebben ook een moeder die hen af en toe aan tafel moet roepen, leek niet te zijn geschrokken van deze impulsieve reactie en kwansuis bijna liet hij het zich ontvallen dat ook blanke mannen over een lange penis kunnen beschikken. Een blanke man een grote jan? Hoe dan? De neger, So dus, legde het recept voor een halve meter mannelijkheid uit en die avond nog bond Lode een baksteen aan zijn fluit. Zeker een kilogram zwaar was dat ding, maar het scheen de wetten van de fysica inderdaad logisch toe dat ieder lichaamsdeel, voortdurend onderhevig aan de trekkracht van een dom gewicht, langer kon worden. Er was trouwens sprake van kinderen met één te lange arm, namelijk die arm aan de hand waarmee ze altijd al hun boekentas hadden gedragen. De baksteen hing daar als een dobber aan een vislijntje, Lode ging ermee werken, baden en slapen tot de steen het gewenste resultaat had opgeleverd. Toen So één week later naar de vorderingen in Lodes onderbroek informeerde was het een glimlach waaruit zijn woorden kwamen: 'Hij is nog geen centimeter gegroeid, maar hij ziet wel al zwart.
”
”
Dimitri Verhulst (Problemski Hotel)
β€œ
De nabestaande moet worden aangemoedigd 'te gaan zitten in een zonnig vertrek', bij voorkeur met een open haard. Er mag eten, maar 'in zeer kleine hoeveelheden', worden aangeboden op een dienblad: thee, koffie, bouillon, wat toast, een gepocheerd ei. Melk mag ook, maar alleen warme: 'Koude melk is slecht voor iemand die toch al onderkoeld is.' Wat de overige voeding betreft: 'De kok kan iets voorstellen wat doorgaans heel lekker wordt gevonden - maar er dient heel weinig tegelijk te worden geserveerd, want de maag mag wel leeg zijn, de tong verwerpt de gedachte aan eten, en de spijsvertering laat zeker te wensen over.' De rouwende wordt aangeraden zuinig aan te doen bij de aanschaf van rouwkleding: de meeste reeds bestaande kledingstukken, en ook leren schoeisel en strohoeden, 'laten zich volmaakt zwart verven'. De te maken kosten moeten vooraf worden berekend. Tijdens de begrafenis dient er een vriend achter te blijven in het huis. Deze moet ervoor zorg dragen dat het gelucht wordt, dat verplaatst meubilair weer wordt teruggezet en de haard wordt aangestoken om de familie te verwelkomen. 'Het verdient ook aanbeveling wat thee of een soepje klaar te maken,' laat mevrouw Post ons weten, 'en dat dient hun bij thuiskomst te worden gebracht zonder eerst te vragen of ze het believen. Mensen die veel verdriet hebben willen niet eten, maar als ze het krijgen voorgeschoteld zullen ze het automatisch aannemen, en iets warms om de spijsvertering op gang te brengen en de gebrekkige bloedsomloop te stimuleren is wat ze bovenal behoeven.
”
”
Joan Didion (The Year of Magical Thinking)
β€œ
Glanzend en mat, glad en harig vertoonden de bladeren alle mogelijke schakeringen groen. De meeste bloemen waren bescheiden, klein, bijna verlegen, met tere, onopvallende kleuren: lila en zachtblauw en lichtgeel. Ze waren een onbelangrijk en ongewenst deel en zorgen slechts voor het zaad. Wijnruit, salie, rozemarijn, parelzaad, gember, munt, tijm, akelei, genadekruid, bonekruid, mosterd, allerhande kruiden groeiden hier. Voorts was er venkel, wormkruid, basilicum en dille, peterselie, kervel en marjolein. Hij had al zijn hulpjes ook van onalledaagse kruiden bijgebracht wat je ermee kon doen en wat de gevaren ervan waren. Kruiden ontlenen hun waarde aan een juiste dosering en overdaad kan erger zijn dan de kwaal. Klein van stuk, bescheiden van kleur, dicht bij elkaar groeiend en verlegen richtten zijn kruiden slechts de aandacht op zichzelf door de zoete geur die ze verspreidden als de zon ze bescheen. Maar achter de wegduikende rijen rezen andere, grotere en opvallender planten op. Bedden pioenen, die werden gekweekt om hun pittige zaden en hoge papavers met hun lichte bladeren: hun witte of paars-zwarte bloembladeren kwamen nog maar nauwelijks door hun gesloten wapenuitrusting heen. Ze waren zo hoog als een kleine man en afkomstig uit het oostelijk deel van de Middenzee, uit welk ver oord Cadfael het zaad van hun voorvaderen lang geleden had meegebracht. Hij had ze in zijn eigen tuin gekweekt en gekruist voor hij later hun beste nakomelingen hierheen had gebracht om er medicijnen van te maken tegen de pijn, de voornaamste vijand van de mens. Pijn en het gebrek aan slaap, slaap wat juist het beste middel is tegen pijn.
”
”
Ellis Peters (Brother Cadfael: A Morbid Taste for Bones / One Corpse Too Many / Monk's Hood)
β€œ
There is a lot to learn about time by the river.
”
”
Oek de Jong (Zwarte schuur)
β€œ
In tijden van oorlog is iedereen slecht, dan is iedereen, rechtstreeks of onrechtstreeks, een moordenaar.
”
”
O.G. Wilkins (De man met zwarte laarzen)
β€œ
Als je hersens had, probeerde je het systeem te slim af te zijn door allerlei omwegen te verzinnen, het op duistere akkoordjes te gooien met je bovengeschikten, door te liegen dat je zwart zag en gebruik te maken van kruiwagens. Dat werd dan een volledige baan. Toch besefte je steeds dat het aldus vervaardigde netwerk een net van leugens was en hoe groot je welslagen of je gevoel voor humor ook was, toch verachtte je jezelf. Zo behaalt het systeem de eindzege: of je het nu laat buigen of barsten, je voelt je toch even schuldig. Volgens het volksgeloof - en het bijpassende spreekwoord - is de duivel zo zwart niet als men hem schildert en de engel vast ook niet zo wit.
”
”
Joseph Brodsky
β€œ
Zonder enige overgang is het volgende beeld dat ik van hem heb dat van een stil huilende man - hij zit aan het kleine tafeltje waaraan hij schilderde en schreef, gekleed in zijn grijze kiel, zijn zwarte hoed op zijn hoofd. Het gele ochtendlicht valt door het kleine, wingerdomgroeide raam; in zijn handen houdt hij een van de vele reproducties die hij geregeld uit kunstboeken scheurde, en die hij gebruikte bij het maken van kopieΓ«n (hij prikte de reproductie op een plankje dat hij met twee houten pennen aan het schilderspalet vastklikte); hij houdt de afbeelding in zijn handen, ik kan niet zien wat het is, maar ik zie dat er tranen over zijn wangen lopen en dat hij in stilte iets prevelt. Ik ben de drie treden naar zijn opkamertje opgelopen om hem te vertellen dat ik het skelet van een rat heb opgedolven; nu trek ik me snel en stil terug, ik sluit zijn deur weer, maar later, wanneer hij beneden koffiedrinkt, sluip ik naar boven en vind de afbeelding op zijn tafel: het is het schilderij van een naakte vrouw, die met haar rug naar de kijker ligt, een slanke vrouw met donkere haren, ze ligt op een soort sofa of bed voor een rode voorhang, haar vredig mijmerende gezicht is te zien in een spiegel die haar wordt voorgehouden door een cupido met een blauw lint over zijn schouder; prominent zijn haar slanke naakte rug en ronde billen. Dan verplaatst mijn blik zich naar de frΓͺle schouders, de fijn krullende haartjes in haar hals, dan weer naar de haast obsceen naar de kijker toegekeerde derriΓ¨re; geschrokken leg ik de afbeelding weer neer, ik loop naar beneden, daar is mijn grootvader in de keuken. Hij staat bij mijn moeder en zingt voor haar een liedje in het Frans, dat hij zich herinnert uit de oorlog.
”
”
Stefan Hertmans
β€œ
Plotseling viel er een stilte in de tuin. Het orkest had zichzelf tot zwijgen gebracht, gesprekken verstomden en de zwemmers staakten hun gespetter en geplons. Voor het eerst sinds hij op het feest was hoorde Menno vogels zingen. Aller ogen richtten zich op een indrukwekkend schepsel dat, begeleid door de sponsor Arend Moezaam en SaΓ―d de villa uit kwam schrijden waarin ze zich tot dan had opgehouden. Dat moest Orpheline zijn, dacht Menno. Ze was een rijzige vrouw met een theatrale uitstraling. Haar glanzend zwarte haar hing tot op haar billen. Ze droeg een paarsblauwe jurk die vlak boven haar blote voeten eindigde. Ze had een krachtige, aristocratisch-gebogen neus en haar grote donkere ogen waren evenals haar fraai gevormde lippen paarsblauw opgemaakt. Aan haar tot de oksel blote lichtbruine armen schitterden zilveren armbanden. De lage uitsnijding van haar jurk liet een stevig borstenpaar vermoeden. Meno hield zijn adem in. Wat een schoonheid! Maar zo groot.
”
”
Remco Campert (Ohi, hoho, bang, bang)
β€œ
Misschien is het idee dat er een tijd bestaat waarin je zou kunnen samenvallen met jezelf, een tijd waarin je je thuis voelt, een illusie. Per definitie onmogelijk, omdat de definitie van leven veranderlijkheid is. Het is denk ik niet dat ik terugverlang naar vroeger. Ik wil niet achteruit - maar vooruit is ook weer zoiets. Het is het splijtende gevoel dat zich achter me een zwart-witfilm ontrolt, zonder geluid - het enige geluid dat je hoort is het geratel van een amechtige projector - terwijl vΓ³Γ³r me een bonte kermis gaande is waarop het verplicht is een 3D-bril op te zetten. Het geluid staat te hard, de gezichten komen te dichtbij. Een polonaise waarbij je moet inhaken op straffe van onzichtbaarheid. Het heeft te maken met dat iedereen een vertegenwoordiger van zichzelf lijkt te zijn geworden, iedereen moet zich laten zien, en wat iedereen laat zien, moet dan weer het beste zijn dat hij of zij mogelijkerwijs kan laten zien. En dat is, ben ik bang, weer terug te voeren op het grote wereldwijde web waarop de mensheid sinds enige decennia is aangesloten en waarvan we waarschijnlijk nooit meer losgekoppeld raken. De druk om constant bereikbaar te zijn, jezelf in heel je glorie te openbaren, je kunsten en goede daden op eigen houtje te etaleren... Ik weet dat de sociale media ook zegenrijk effect sorteren - Revolutie! Solidariteit! Flashmobs! Spontane dansfestijnen! - maar zijn ze niet ook de gesel van deze tijd? Is de menselijke natuur opgewassen tegen de mogelijkheden die de techniek heeft geschapen? Is de mens zichzelf niet groter gaan wanen dan hij is, met alle gevolgen van dien, op individueel niveau en op het toneel van de wereldpolitiek?
”
”
Marja Pruis (Omdat je het waard bent)
β€œ
Langzamerhand, zoals in alle processen waarvoor de nieuwsgierigen een poos lang warmlopen, zag men hoe zich op twee verschillende plannen twee wonderlijk ongelijksoortige zaken aftekenden: het geval zoals het zich presenteert voor de rechtsgeleerden en de geestelijken wier taak het is te berechten, en het geval zoals het wordt gefantaseerd door de massa die monsters en slachtoffers wil.
”
”
Marguerite Yourcenar (Het hermetisch zwart)
β€œ
Heb jij je ooit afgevraagd of er een God bestaat?" -- "Ach, het is heel simpel. Als je gelooft in God, bestaat God. Als je niet gelooft in God, bestaat hij niet. Maar dit is de grijze zone waar de mens zo een afschuw van heeft. Het moet wit of zwart zijn.
”
”
Yves Saerens (De dwarsligger)
β€œ
Weet je, Arnaut,' zei hij na enige tijd, 'vroeger was je zo'n onschuldige, vriendelijke knaap. Je deed geen vlieg kwaad. Wat is er de laatste tijd toch met je aan de hand?' Arnaut grijnsde breed. 'Wie met pek omgaat, wordt zwart!' riep hij. En dat kon Halt niet ontkennen.
”
”
John Flanagan (Halt's Peril (Ranger's Apprentice, #9))
β€œ
Mijn leven lang heb ik altijd daar naar binnen willen stappen waar dat onmogelijk was: in een film, in een boek, in de heilige familie van de kerststal, in het rijtuig van de koningin, een passerende auto met lieve rijke dame of in een eigen herinnering
”
”
Willem Brakman (Het zwart uit de mond van Madame Bovary)
β€œ
Middels 1 Zwarte Streep Op Het Voorhoofd Zijn Velen Gedegradeerd Tot Gedrocht. Petra Cecilia Maria Hermans Worldpoet 546 Babaji 7 September 2016 God
”
”
Petra Hermans (Voor een betere wereld)
β€œ
Mijnheer, vergeeft u me, maar vandaag wil ik niet spreken.
”
”
Chika Unigwe (De zwarte messias)
β€œ
Er is een ruim tweepersoonsbed dat mijn hele herinnering beslaat. Buiten, in de diepte, is het stil, op het geluid van een enkele passerende auto na. Een auto, zo laat nog, een veeg in de nacht. Ik lig op mijn linkerzij, met mijn hand omklem ik de metalen rand. Ik druk mijn wang tegen het koele metaal. Wie op zijn linkerzij slaapt belast zijn hart, zegt mijn moeder. Vanuit mijn positie aan de rand van het bed kijk ik recht de zwarte hemel in. De nacht is veraf en dichtbij. Het matras deint op en neer als een vlot op de oceaan. Ik ben achttien, ik heb niets tegen de nacht. Maar dΓ©ze, terwijl ik er nog middenin ben, zou ik nu al uit mijn leven willen schrappen.
”
”
Tessa de Loo
β€œ
Arnaut hield meer van de colleges van Heer Roderick: die waren zwart-wit, duidelijk, geen probleem wat goed of slecht was, neem je zwaard en hak erop los.
”
”
John Flanagan (The Battle for Skandia (Ranger's Apprentice, #4))
β€œ
Waarom heb ik het over 'wit' in plaats van over de oude, bekendere term 'blank'? Simpel, de term 'blank' is tijdens de gehele koloniale geschiedenis door witte mensen gebruikt als het tegengestelde van mensen die werden aangesproken met het n-woord. Daar waar zwarte mensen een inferieure, niet-menselijke status hadden, was de 'blanke' persoon het toppunt van civilisatie. Daarom wil ik, en vele anderen met mij, afrekenen met zowel het n-woord als het woord 'blank'. Het zijn overblijfselen uit het Nederlandse koloniale verleden. Het idee dat 'blank' een neutrale term is, is dus allesbehalve waar.Β 
”
”
Anousha Nzume (Hallo witte mensen)
β€œ
Nee, dat is het bootje van m'n grootmoeder!' blies Elm. 'En dat lappie daarbovenin is haar eigengebreide zwarte theedoek, nou goed? M'n grootmoeder breit altijd van die leuke theedoekjes met doodskoppen erop.
”
”
MariΓ«tte Aerts (Dragans List (Het Huis Elfae #1))
β€œ
Ik zou het nog niet half zo lang hebben volgehouden,' zei ik, maar toen besefte ik dat hij in veel opzichten op de Dobu leek: zijn paranoïde trekjes, zijn zwarte humor, zijn wantrouwen jegens plezier, zijn geheimzinnigdoenerij. Ik ging als vanzelf aan zijn resultaten twijfelen. Als er maar één kenner van een bepaald volk is, zegt diens analyse dan meer over dat volk of over hem? Zoals gewoonlijk was ik meer geïnteresseerd in het raakvlak tussen die twee dan in andere dingen.
”
”
Lily King (Euphoria)
β€œ
Een arts kan heel in het algemeen de mensheid proberen te dienen, maar het staat hem uiteraard ook vrij zich alleen in dienst te stellen van een bepaald deel van de mensheid. Een zekere dr. Thaler bijvoorbeeld had ongeveer tweehonderd jaar geleden in Wenen de uit Nigeria afkomstige Soliman na diens dood met de toestemming van keizer Franz de huid afgestroopt, had de man die in een veldslag het leven van de vorst van Lobkowicz had gered, een neger genaamd Soliman, de huid afgestroopt, had de leraar van de vorsten van Liechtenstein, een zwarte genaamd Soliman, de huid afgestroopt, had de vrijmetselaar van de loge De Ware Eendracht, een Moor genaamd Soliman, de huid afgestroopt, had bij wijze van spreken de broeder van de vrijmetselaars Mozart en Schikaneder, de borg van de naar opname in de loge strevende wetenschapper Ignaz von Born, een Afrikaan genaamd Soliman, de huid afgestroopt, had een gehuwde Wener, die zes talen vloeiend sprak, wiens dochter later getrouwd was met baron Von Feuchtersleben en wiens kleinzoon Eduard in het begin van de negentiende eeuw naam maakte als dichter, de huid afgestroopt, had een gezien man uit de hogere Weense kringen, die lang geleden weliswaar een Afrikaans kind was geweest, genaamd Soliman, de huid afgestroopt, had een mens die in het begin van zijn leven op de slavenmarkt was ingeruild voor een paard en later was doorverkocht naar Messina, genaamd Soliman, om kort te gaan: een voormalige slaaf van een laag ras genaamd Soliman de huid afgestroopt. Hij had de huid daarna gelooid, op een corpus van hout gespannen en, tegen de wens van diens dochter, die verzocht 'de huid van haar vader aan haar te overhandigen teneinde hem volgens de regels ter aarde te kunnen bestellen', tegen de wens van die dochter haar opgezette vader ter stichting van het Weense publiek in een vitrine op de vierde verdieping van het Keizerlijk NaturaliΓ«nkabinet gezet. Het veren rokje waarmee de Moor was uitgedost, was - wetenschappelijk niet geheel correct - afkomstig van Zuid-Amerikaanse indianen, maar het exotische aspect van het preparaat kwam daardoor veel beter tot zijn recht. Heel even stelde Richard zich voor dat in een vitrine in het staatsmuseum van CaΓ―ro bijvoorbeeld de opgezette archeoloog Heinrich Schliemann zou staan, gekleed in een Spaans stierenvechterskostuum of in Mongoolse klederdracht van schapenleer en zijde.
”
”
Jenny Erpenbeck (Gehen, ging, gegangen)
β€œ
En natuurlijk is dat makkelijker gezegd dan geloofd. Je bent depressief en voelt je een last voor de mensen om je heen. Dat lijkt logisch en zwart-wit. Maar dat betekent niet dat alles zwart is.' Ze strijkt met haar hand over het tafelblad. 'Net als bij een schaakbord; de andere helft van het bord is wit. Want je kunt het ook omdraaien: blijkbaar willen mensen ondanks jouw "lastigheid" ontzettend veel moeite voor je doen. Dat zegt iets over jou, over wie je bent en vooral ook over hoeveel jij op jouw beurt aan hen teruggeeft.' Ze staat op en zet haar kopje op het aanrecht. 'Jij staat nu jammer genoeg op zwart, en dat is ontzettend vervelend, maar probeer toch om je heen te kijken. Te kijken of er ook andere kanten zitten aan de dingen die je nu door de depressie gelooft. Want hoe gek het ook klinkt, als je op zwart staat, dan zijn alle vlakjes om je heen wit.
”
”
Myrthe van der Meer (Up (Paaz, #2))
β€œ
Het wilgenroosje straalt iets primitiefs uit, iets grofs en oerplantachtigs, het is niet verfijnd, hoewel het mooie, kleurrijke tapijten vormt, en op een merkwaardige manier was het ook betekenisvol dat het juist zo goed gedijde in de grote nieuwbouwwijken, die, hoewel ze toen modern waren en de nieuwe tijd vertegenwoordigden, ook iets eenvoudigs en bruuts hadden - heuvels werden opgeblazen, bossen werden gekapt, de machines denderden en schudden - en tegelijk daarmee, met de hopen blauwe granietsteen, het pas gelegde zwarte asfalt, de grindbergen en gele kiepwagens en bulldozers, schoten de eenvoudige, snelgroeiende en robuuste planten uit de grond, met als enige geheim het meest voor de hand liggende, dat alle fossiele en primitieve schepsels deelden, namelijk dat de wereld altijd nieuw is.
”
”
Karl Ove KnausgΓ₯rd (Om sommeren (Γ…rstidsencyklopedien, #4))
β€œ
Meisjes wilden aan hem peuteren. Het begon met een mee-eter in zijn gezicht die ze wilden uitdrukken, en weldra peuterden ze aan zijn bestaan.
”
”
Oek de Jong (Zwarte schuur)
β€œ
Het inbeeldingsvermogen van de criticasters van een zwarte Hermelien is wel zo lenig om zich de mogelijkheid van een geheim perron op het Londense station King's Cross voor te stellen waar je alleen kunt komen als je door een bakstenen muur rent, maar die fantasie blokkeert als ze zich een zwart hoofdpersonage voor de geest moeten halen.
”
”
Reni Eddo-Lodge (Why I'm No Longer Talking to White People About Race)
β€œ
Al krijg je de pest, als het op je voorhoofd geschreven staat dat je tot een welbepaalde leeftijd op deze aardbol moet ronddwalen, dan zal de dood jou na een flinke plaagronde uiteindelijk toch met rust laten.
”
”
O.G. Wilkins (De man met zwarte laarzen)
β€œ
Wat haatte ik dat zwijgen van volwassenen. Ze zeiden niets, maar tegelijkertijd zeiden ze alles.
”
”
O.G. Wilkins (De man met zwarte laarzen)
β€œ
De leegte die na de bevrijding volgt, is soms dodelijker dan de gevangenschap zelf.
”
”
O.G. Wilkins (De man met zwarte laarzen)
β€œ
Je zult nog veel meemaken in je leven. Het is belangrijk dat je leert vergeven. Het kan goed zijn dat de ander jouw vergiffenis niet verdient, maar jij verdient wel rust. Innerlijke rust. En dat is waar het in dit leven om draait.
”
”
O.G. Wilkins (De man met zwarte laarzen)
β€œ
Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Zo ook liefde.
”
”
O.G. Wilkins (De man met zwarte laarzen)
β€œ
De waarheid bevrijdt.
”
”
O.G. Wilkins (De man met zwarte laarzen)
β€œ
Als een man, hoe lief en zorgzaam hij ook zijn mag, iets wil wat hij niet bij jou kan krijgen, dan haalt hij het vroeg of laat ergens anders wel. Het gebrek is de vader van de misstap.
”
”
O.G. Wilkins (De man met zwarte laarzen)
β€œ
...blijkbaar is een mens altijd bang om te sterven. Ofwel omwille van de onzekerheid die daarop volgt, ofwel omdat het leven verslavend mooi is.
”
”
O.G. Wilkins (De man met zwarte laarzen)
β€œ
Victor keek naar buiten. Een paar sterren maar hadden de kracht om zich aan de hemel af te tekenen. Hij herinnerde zich het beeld dat hij in zijn kinderjaren als een onomstotelijke waarheid met zich meegedragen had. Dat van een zwart uitspansel dat met een speld doorprikt was, en waarachter licht brandde; de plek waar de doden zich ophielden, die hem door gaatjes die hij niet kon zien, bespiedden.
”
”
Johan Terrin
β€œ
En vooral: hoe zijn die booswichten [uit de wereldliteratuur] niet uitgetekend? Hun booswichten beseffen uitstekend dat zij booswichten zijn en dat hun ziel zwart is. En zo redeneren zij ook: ik kan niet leven als ik geen kwaad bedrijf.[...] Nee, zo gaat het niet in werkelijkheid! Om kwaad te kunnen bedrijven moet een men er eerst van doordrongen zijn dat het het goede is of dat het om een zinnige rechtmatige handeling gaat. De natuur van de mens is gelukkig van dien aard, dat hij voor zijn handelingen een rechtvaardiging nodig heeft. [...] Met een tiental lijken stokten de fantasie en de geestkracht van Shakespeares booswichten al. Het ontbrak hun namelijk aan een ideologie.
”
”
Alexander Solzjenitsyn
β€œ
Waarom had ze niet z'n hand gepakt en gezegd: "Ik houd van jou". Waarom wilde ze niet, wat ze zoo erg wilde? Wat kon haar gebeuren, erger dan deze dood levend om te dragen? Waarom was ze? Waarom moest ze ongezoend dood gaan? Niet zoo maar 's gezoend, maar heel erg. Ze gloeide overal, haar hart werd groot. Ze maakte haar goed open voor den spiegel en bekeek haar borsten, zoo wit in haar zwarte japon en hield ze op haar beide handen. Rein en onaangeraakt was zij. Ook een lolletje.
”
”
Nescio (Dichtertje)
β€œ
Het slapengaan werd uitgesteld. Aanleiding daartoe waren: de Muggen. De horren konden de beestjes niet tegenhouden. Er zaten overal gaatjes in. Dus werd gebruik gemaakt van een wondermiddel, 'citronelle' genoemd. Het werd royaal over de kussens gesprenkeld en, zo beweerden de volwassenen, de muggen zouden hen nooit meer bijten. Doch de muggen bleven de kinders steken. En elke ochtend opnieuw zaten ze vol met jeukende gezwellen. De citronelle had na een paar dagen haar magische werking verloren. Het kinderbloed was zoet en in overvloed aanwezig. Men ging dan over op azijn. Het gebeurde weleens dat een van de kinders in opstand kwam en verklaarde niet te zullen gaan slapen alvorens de laatste mug gedood was. Er begon dan een systematische verdelgingingsjacht. De muggen werden tegen het behang geplet, dan viel op hoeveel in vroeger jaren gedode beestjes hun sporen daarop al hadden achtergelaten. Alleen was het spatje bloed niet zo rood meer als van de vers-gedode beestjes. Het zag nu zwart-bruin. De muggenjacht was steeds een jolige aangelegenheid die de kinders nogal opwond en er werd door zijn moeder dan ook radicaal een eind aan gemaakt. Ze zouden nu vast en zeker allemaal dood zijn. Ze hadden er op z'n minst wel twaalf gevangen. Doch het mocht niet baten. 's Anderendaags had hij een gezwollen lip, zagen de benen van Nicole eruit als de Alpen en zat ook zijn moeder weer vol. Ze had een te kinderlijk bloed bewaard. Jeannot had medelijden met haar en met hen. Maar muggen maakten deel uit van de vakantie, daar was nu eenmaal niet aan te ontsnappen.
”
”
Eric de Kuyper (Aan zee: Taferelen uit de kinderjaren)
β€œ
Wat er daarna gebeurde, doet misschien wat onwaarschijnlijk aan, maar de lezer moet maar van me aannemen, dat het werkelijk heeft plaatsgevonden. Ze bleef even staan, draaide zich weer om en keek me aan. Ik zette mijn voet op de onderste tree en greep haar ruw bij de arm. Toen trok ik haar omlaag naar me toe. Ze kwam struikelend naar beneden en een ogenblik stonden we samen onder aan het trapje; ik hijgde en hield haar arm in een knellende greep - zij was gespannen en keek me woedend aan. Toen ik me het hele geval later weer voor de geest haalde, had ik de zinsbegoocheling, dat haar gezicht toen en gedurende de volgende ogenblikken zwart was geworden. Plotseling maakte ze een heftig rukkende beweging en probeerde haar arm vrij te krijgen. Het was vreemd, dat ze er eigenlijk volstrekt niet verbaasd uitzag. Terwijl ze rukte, greep ik haar anders beet en draaide haar om, waarbij ik haar arm achter haar rug wrong. Daarop schopte ze me heel hard tegen mijn schenen. Ik duwde haar pols omhoog naar haar schouderblad en wist haar andere pols te grijpen. Ik hoorde, dat ze naar adem snakte van pijn. Ik stond nu achter haar en toen ik met meer kracht op haar arm drukte, kwam ze met haar volle gewicht achterover tegen me aan te hangen. Weer schopte ze me, wat bijzonder pijnlijk aankwam.
”
”
Iris Murdoch
β€œ
Ras en huidskleur hebben helemaal niks met elkaar te maken. Ras is een wetenschappelijk fabeltje, er bestaan wezenlijk alleen maar Homo Sapiens, Neanderthalers etc dat zijn mensenrassen. 'Wit' is gewoon geen goede omschrijving van de huidskleur van de mensen waar hier op wordt gedoeld, noch is 'zwart' een correcte aanduiding. Als je toch een verzamelkleur moet benoemen probeer dan een beetje realistisch te duiden, varkensroze bijvoorbeeld. Ik denk verder niet dat Sunny Bergman over een eeuw nog bekend zal staan als een van de grote filosofische vernieuwers van de 21e eeuw. En ook ontgaat me wat er precies mis is met het pantone systeem, dat is een universele en realistische kleur aanduider. Als je dus zo nodig wilt identificeren met een zelfde kleur zoek je Pantone 456c bijv.
”
”
Martijn Benders
β€œ
2012 Continuation of Andy’s Message Β  …Young, do you remember the bar and nightclub owned by the β€˜King of De Wallen,’ Zwarte Jopie? It is now Theatre Casa Rosso, a historical landmark where burlesque shows are held nightly.
”
”
Young (Turpitude (A Harem Boy's Saga Book 4))
β€œ
Er is mij eens iets grappigs overkomen in een herberg in Tirol. Professor Cotta en ik hadden er juist onze intrek genomen en zaten te dineren toen een kamermeid hem in zijn oor kwam fluisteren. Ze vroeg of het wel zin had mij een bed met schoon linnengoed te geven, aangezien het toch helemaal zwart zou worden wanneer ik ging liggen. De professor wuifde het wicht weg. We hebben er samen hard om gelachen, maar 's nachts overviel me een enorme mensen-moeheid. Alsof ik mijn leven lang door een moeras gewaad heb zonder een meter vooruit te komen. Dat zijn voor mij de angstige momenten, wanneer ik het vechten liever op zou geven. Met het ouder worden nemen die in frequentie en hardnekkigheid eerder toe dan af.
”
”
Arthur Japin (De zwarte met het witte hart)
β€œ
De humorist gaat van de ernst van het leven uit. De grote humoristen - ik denk aan Chaplin, Steinberg of Tati - zien het leven als één groot dramatisch en ontroerend gegeven. Zij plaatsen de mens met zijn kleine alledaagse escapades en buitelingen tegen die achtergrond. Wat je dan op de voorgrond ziet, krijgt iets heel karikaturaals. De zwart-witfilms van Chaplin zouden aan kleur verliezen, als men er kleur aan zou toevoegen.
”
”
MyQuote
β€œ
Hoe bang je ook bent - en je zult bang zijn - en hoe angstaanjagend ze er met hun doodshoofden en hun zwart-omrande ogen ook uitzien, blijf staan. Val aan. Ga altijd naar voren. Schreeuw tegen ze, laat je woede spreken, maar val vooral aan. Dat verwachten ze nooit. Ze verwachten dat je van angst begint te gillen en op de vlucht slaat. Doe dat niet. Ga vooruit. Altijd vooruit. - Lydia
”
”
John Flanagan (The Ghostfaces (Brotherband Chronicles, #6))
β€œ
Hij bleef zoals hij is, zwart en stil en besprenkeld met sterren.
”
”
Monika Feth (Der SchattengΓ€nger (Jette WeingΓ€rtner #4))
β€œ
Alles eek haar gehuld in een zwart waas dat over het oppervlak van de dingen zweefde, en het verdriet trok zacht huilend door haar ziel, als de winterwind door een verlaten kasteel. Het was zo'n mijmeren waarin men verzinkt om wat nooit meer terugkomt, een matheid die ons telkens overvalt na een niet te herroepen daad, een smart ten slotte, veroorzaakt door het stokken van een vertrouwde beweging, door het abrupt stilvallen van een lang aangehouden trilling.
”
”
Gustave Flaubert (Madame Bovary)
β€œ
Connie begon het bestaan van benen te beseffen. Zij werden belangrijker voor haar dan gezichten, die niet langer meer erg werkelijk waren. Hoe weinig mensen hadden levende, gevoelige benen! Zij keek naar de mannen in de stalles. Grote, worsterige dijen in zwart worstdoek, of diunne houten stokjes in zwart begrafenisgoed, of welgevormde jonge benen zonder enige betekenis, geen sensualiteit of tederheid of gevoeligheid, gewoonweg een pantoffelparade van benen van niets. Zelfs niet iets van de sensualiteit, die haar vader had. Zij waren alle ontmoedigd, zodat zij niet meer bestonden, als het ware. Maar de vrouwen waren niet ontmoedigd. De vreselijke kilometerpaaltjes, die de meeste vrouwen tot benen hadden! Gewoon ergerlijk! Werkelijk voldoende, om een moord te rechtvaardigen! Of de arme pijpestelen! of de keurig nette dingen in zijden kousen, zonder iets, dat op leven leek! Vreselijk, de miljoenen onbeduidende benen, die doelloos rondstapten!
”
”
D.H. Lawrence (Lady Chatterley's Lover)
β€œ
Als ik heel eerlijk was, was mijn truc dat ik het niet echt wist: het is de kunst dat je de taal kent, het vocabulaire, de verwijzingen, dat je in elke tegenstelling, in elk zwart en elk wit een paradox vindt en die opvoert als de diepere waarheid van de ambivalentie, als dubbelzinnigheid, als concurrerende paradigma's. Waren alle kunst en boeken en films en muziek niet gewoon een kwestie van verschuivende referentiekaders?
”
”
Joost de Vries (De republiek)
β€œ
Een zwarte pagina kan niet worden verbrand.
”
”
Petra Hermans
β€œ
Zwarte distels zullen alleen maar prikken in ogen die nooit zagen,
”
”
Petra Hermans
β€œ
Een boeket, vol van zwarte distels, nam niet eens het Licht weg, uit ogen, die nooit het universeel kind, zagen.
”
”
Petra Hermans
β€œ
Zolang de stilte in mij het water doet stromen, zal de Goede Herder zeer zeker en stellig zien, dat er naast witte en zwarte schapen tot bokken, ook haar lammeren op de wereld rondlopen.
”
”
Petra Hermans
β€œ
Als er, in de volgorde, van 16 zwarte, en daarna 10 witte vrouwen onder mijn hoede zijn verdwenen uit de geschiedenis der tijd, stemt me dat droevig.
”
”
Petra Hermans
β€œ
Josh heeft een zonnebril nodig en ik ook,' zei Sophie, 'en water.' 'Die kopen we straks wel.' 'We hebben ze nu nodig,' zei ze resoluut. ... 'Water en zonnebrillen,' zei hij. 'Nog een specifieke kleur zonnebril?' vroeg hij sarcastisch. 'Zwart,' antwoordde de tweeling in koor.
”
”
Michael Scott (The Sorceress (The Secrets of the Immortal Nicholas Flamel, #3))
β€œ
Een prachtige Nachtegaal 't Laatst Lied op Zwart Zaad laten uitzingen?
”
”
Petra Hermans (Voor een betere wereld)
β€œ
Zwart ijs... Witte beren, rood bloed. Ze zoeken het oog van de adder... In het oog gaan is in het donker gaan. Misschien kun je de weg naar buiten vinden, Wolfjongen. Maar wanneer je eenmaal binnen bent, zul je nooit meer heel zijn. Een deel van je blijft daar beneden. In het donker. - De Loper
”
”
Michelle Paver (Soul Eater (Chronicles of Ancient Darkness, #3))
β€œ
Loeser keek naar binnen. De man die had gesproken stond bij de experimenteertafel en zeepte de kranen met een doekje in. Loeser zag hem en profil, maar hij hΓ d helemaal geen profiel, dat wil zeggen, zijn gezicht was een plat vlak - zijn kin en voorhoofd waren zo verticaal als een muur en zijn neus was plat tegen zijn schedel gedrukt, hij had geen lippen en zijn ogen zaten zo ver naar voren dat ze schuins tegen elkaar hadden kunnen knipogen. Die configuratie zag er zo onnatuurlijk uit dat hij alleen gen gevolg van een gruwelijk ongeval bij de geboorte kon zijn, iets met een stalen tafel of een betonnen vloer. Hij droeg een ruime grijze overall en had sliertig zwart haar dat eruitzag alsof het een paar dagen kruislings over het doucheputje had gelegen voordat het uit zijn schedel was gegroeid.
”
”
Ned Beauman (The Teleportation Accident)
β€œ
De kamer leeg. een vale grauwe nacht. een schemering die aan den dood ontsteeg wij liggen eenzaam op de zwarte baar en zullen weldra op de klippen stranden drijven wij naar den dood of in den ronde? de rozen worden zwarter in uw haar waar zijn uw handen?
”
”
Hendrik Marsman (Verzamelde gedichten)
β€œ
Vrees buiten ritselt triest de regen - de wind huilt cynisch door de nacht - o lang verzwegen Noodlot dat mij wacht starend dwaal ik door de zwarte nacht dof slaat mijn voetstap door de zwarte straat - o hart in mij dat nu nog slaat: - eens komt de nacht het water van de gracht is zwart - o vreemd verdriet in 't lege hart- zwart is het water van de gracht - dit is de nacht
”
”
H.H. ter Balkt
β€œ
Ik antwoordde dat ik mij niets mannelijkers voor kon stellen dan hoop houden op het onmogelijke.
”
”
Arthur Japin (De zwarte met het witte hart)
β€œ
Als ik op mijn geheugen af moet gaan heeft een halve eeuw IndiΓ« korter geduurd dan een willekeurige valkenjacht op Het Loo, het bezoek van Adeline Renselaar en haar feestcommissie langer dan een weekeinde in Scheveningen. De archieven van je geest kennen geen index, hooguit een paar steekwoorden.
”
”
Arthur Japin (De zwarte met het witte hart)
β€œ
Het is de onderbroek, redelijk viezig, onder het slootwater. Regenachtig zwart tot groen, geel of bruin.
”
”
Petra Hermans
β€œ
Ik doe al dertig jaar niet mee met Holland bakt 'm bruin want ze bakken hem zwart. Het bevalt me anders uitstekend, om niet aanwezig of afwezig te mogen zijn, zonder familie of verwanten. Geen radio, geen televisie alleen maar slotzuster Augustina.
”
”
Petra Hermans (Voor een betere wereld)
β€œ
De Hollandse Nederlander kenmerkt zich van thuis uit door zwarte Kolenschoppen.
”
”
Petra Hermans (Voor een betere wereld)
β€œ
De kachel in een goede garage rust in een pijp, die uitmondt vanuit vies, vuil zwart slootwater, door regen gesmeerd.
”
”
Petra Hermans (Voor een betere wereld)
β€œ
Dan ken je dus dat gevoel, dat je leven al vanaf het begin ergens door vergiftigd was. Net alsof je een zwarte vloeistof in een bak schoon water giet.
”
”
Benedict Wells (Vom Ende der Einsamkeit)
β€œ
Dan ken je dus dat gevoel,' zei ik rustig, 'dat je leven al vanaf het begin ergens door vergiftigd was. Net alsof je een zwarte vloeistof in een bak schoon water giet.
”
”
Benedict Wells (Vom Ende der Einsamkeit)
β€œ
In de diepte zien we het schip (de Mercator) gespiegeld. Naast de donkere steiger, aan de meertouwen en de meerpalen, ligt daaronder een ander schip. Omgekeerd. De spiegeling is exact even scherp als de reΓ«le boot zelf. Wij houden halt, durven amper bewegen. Het is een angstaanjagend perspectief. Stel even dat onder ons een andere wereld bestaat, omgekeerd maar even werkelijk. Hoe ingewikkeld is het leven dan als wij diep in ons, gelijktijdig, onszelf moeten meedragen in een duister spiegelbeeld? 's Nachts, in dromen en nachtmerries, zien we hoe groot die andere kant is, vastgeklonken in een diepe zwarte wereld. Wij zijn ook dat, het omgekeerde dat ons draagt.
”
”
Koen Peeters (Kamer in Oostende)
β€œ
Op een andere plek, in een andere tijd, hadden een oude zwarte man en een jonge blanke vrouw elkaar kunnen omhelzen, maar niet daar, niet toen.
”
”
Delia Owens (Where the Crawdads Sing)
β€œ
In mijn hoofd is de nacht zwart, de mist dik, de grond vochtig, ik ben alleen, niemand om de richting te wijzen.
”
”
Griet Op de Beeck (Kom hier dat ik u kus)